Home » Story

"Er zijn domweg geen woorden voor"

"Ik overleefde, ontkende, negeerde, voldeed aan verwachtingen, vluchtte in mijn hoofd, speelde de clown,
wilde slagen met een masker,
maar werd gek op latere leeftijd
en nu zeg ik mijn kleutertijd was een emotionele ramp wellicht een horrorverhaal
en nog ontdek ik dingen die ik wou vergeten. Het is niet alleen weten wat er met je is gebeurd, 
maar ook weer durven voelen en huilen, vertrouwen herstellen en troost ervaren.
Want kindermishandeling werkt verwoestend voor je eigenliefde, zelfvertrouwen, zelfbeeld en toekomst.
Toch is er weg naar herstel, het kind in je beschadigd te troosten, accepteren en weer te vertrouwen.
"

Proloog:

Als je mijn verhaal leest, kun je denken jeetje wat heeft die man veel meegemaakt, dat moet wel een geestelijke wrak zijn, ongeneeslijk etc, rijp voor de langdurige chronische zorg. Maar ondanks alles heb ik daar hoe gek ook nooit in geloofd ergens. Aan zo'n denkwijze heb ik kort door de bocht genomen geen boodschap. Als je diep in de put zit, moet je eens kijken welk trauma daar op de bodem ligt en gaan schrijven. Schrijven helpt, vertel hoe het was toen en wat je moest vergeten. De verhalen zijn pijnlijk en soms ongeloofwaardig, maar ja ik weet zelf hoe het was. Met was bedoel ik dat ik nu meer voel WAS ipv dat ik voortdurend mijn hoofd vol had aan traumatische herinneringen, vaak in de war was en dus angstig psychotisch. Ik kan niet zeggen dat verwerken en weer durven leven en voelen dat je moeite waard bent zomaar gebeurd of dat je ineens van alles af bent. Maar je zal krachten, liefde en moed moeten hebben. Moed en durf om te ervaren dat zelfs de meest verontrustende ervaringen uiteindelijk slechts een herinnering wordt. Je moet weer geloven in herstel en dat ondanks alles je meer kracht en wijsheid hebt dan je ooit zal voelen of beseffen. De meeste verhalen zijn pijnlijk, maar je eigen verdriet, herinnering angstvallig uit de weg gaan is hoe vreemd ook niet de oplossing. Traumabehandeling moet beetje bij beetje, op jouw manier, het is soms een pijnlijke weg, maar zonder de moed om je herinnering onder ogen te zien en met het gevoel dat je het niet verdient hebt kan geen verbetering geven. Geloof weer in jezelf, als waardevol mens, maak je eigen keuzes, ga niet denken dat je alleen waardevol bent als je slechts voor anderen klaar staat. Bitterheid is een keuze. Het is voor de weg met gevoel en ook verstand, die je de weg wijst naar hoe het echt was. Een leven die niet zo hoorde te zijn, dat weten is een soort bewustzijn met liefde die niet slechts toedekt, maar je laat inzien dat je ervaringen slechts ervaringen zijn en niet zo hoort te zijn. Ik geloof niet dat je zielig bent, natuurlijk je hebt nare dingen meegemaakt. De ware kracht zit niet in wilskracht maar het besluit "dit heb ik niet verdient, hier ben ik niet voor geboren" Wellicht heb je verkeerde vrienden of meer verkeerde keuzes gemaakt. De ware kracht zit in je wijsheid en de moed te ervaren dat je kan beseffen dat het geweest is. Dat moet en zal angstig zijn, maar de wijze waarop je bent gaan geloven dat het altijd zo zal blijven zal verdwijnen. De ware kracht zit in weer voelen, je zelf weer terug vinden. Heus dat kan, maar kost tijd. Zoek een therapeut die in herstel geloofd en met je aan de gang wil.

Ieder moet dat op zijn/ haar manier vinden. Maar de traumatische herinneringen en wat je allemaal moest vergeten, hoe je je zelf verzaakte, je gevoelens, je wensen, je verlangens het meisje of de jongen in je zul je weer voelen. Gaan nadenken of piekeren heeft geen zin, je zal aan de bak moeten met je herinneringen. Goede methoden zijn EMDR, internettherapie en exposure (CGT), daarnaast zul je liever, zorgzamer voor je zelf moeten zijn. De dissociatieven onder ons moeten ervaren wanneer hun delen zijn ontstaan en hoe pijn en nare herinneringen hun dissociatie of wel fragmentatie instant houdt of wel een dissociatieve respons of bewustzijn ontlokt. Het betekend dat de tegenstrijdigheid veroorzaakt door deze fragmentatie met alle tegenstrijdige gevoelens opgelost moet worden. Vaak is deze tegenstrijdigheid ontstaan door een emotioneel tegenstrijdige, onveilige, verwarrende band met de daders of ouder, waarin de ouder onbetrouwbaar/ (levens)bedreigend is emotioneel en soms zelfs ook psychiatrische problemen of ellende heeft die het projecteert, afreageerd op het kind. EMDR kan bij hun werken, maar de therapeut moet werken naar integratie, dus alles wat gedacht, herinnert/ geassocieerd en gevoelt wordt behorende bij de behandelde of besproken trauma. Naast CGT, EMDR zijn ook ander behandelingen gewenst en nodig. Zoals bijvoorbeeld haptonomie, lichaamswerk en meditatie. Leer ook meer op je lichaam te vertrouwen en probeer meer integratief te ervaren. Niet slechts in je hoofd leven. Een ieder die een behandelaar heeft die slechts medicijnen als oplossing ziet is een slechte heelmeester. Een goede therapeut werkt eerst aan een vertrouwensband en indien nodig een goede hechting met hem/ haar. De therapeut moet het aanmoedigen om de angst om trauma's te bespreken niet laten ondermijnen. Zonder deze goede correctie en vertrouwensband is in mijn ogen therapie zinloos, tevens is het zinloos als er sprake is actuele en reëel gevaar van herhaalde traumatisering. Traumabehandeling moet ervaren zijn, in vrijheid en respect voor iemands autonomie. Later in therapie kan deze band weer afgebouwd worden als de cliënt deze gevoelsmatige herstel geïnternaliseerd heeft. Trauma's en dus traumabehandeling hebben de bijsmaak van chronische onoplosbare narigheid, maar hoe gek het ook klinkt narigheid die je onderdrukt blijft altijd je geest en je leven bepalen. Loslaten betekend voelen en ervaren hoe het toen was en wat er toen met je gebeurde. Dan pas kun je het loslaten.

"Ben ik paranoia of toch niet.."

Het klinkt raar, maar ik weet ergens dat ik in een groot complot zat of web van geheimen, want het ziekenhuis waarin ik vaak belande daar werkte een arts die ook in de groep van geheime sm-liefhebbers zat. Mijn verstand zegt me "hoe kan het dat zowel zusje als ik opgenomen ooit waren in de afdeling van het oude AZG niemand door had wat er speelde" Hoe kan het dat oppas, familie, maatschappelijk werk en vele anderen de deur bij ons plat liepen. Wat moest er verzwegen worden en hoe diep zat vader en die buurvrouw in dat web van liefhebbers van pedofielen? Allemaal vragen die ik heb. Ik kan haast niet geloven dat het misschien wel eens de waarheid is. Als ik besef hoe ik als kind gevaar liep en hoe het een wonder is dat ik nog leef, dan heb ik moeite om niet met een panische bewustwording de nacht door te gaan. Vader die moeder bontjassen gaf en in werkelijkheid dat betaalde van geld van die pedofielen. Hoe kan een man die een avondbaantje als simpele broodbakker had dat betalen. 

Er zijn kinderen vermoord en wie moest toen beschermd worden, welke waarheid moest verborgen worden. Wie waren dat allemaal. Mijn verstand zegt me "het is niet te geloven" en toch ergens. Het lijkt er op alsof ik de gevaren van toen niet wil geloven en het web van leugens niet wil geloven of beseffen. Vragen die niemand nu kan beantwoorden. Maar nu heb ik zin om alle registers van de leugens die ik moest geloven open te trekken. Maar hoe veilig ben ik dan nu. Waartoe is mijn vader nu nog in staat. Mijn psycholoog vertelde me ook dat ik scherp was, ja het klopt ergens wel, als kind had ik dat al en ik was ook erg nieuwsgierig. Maar ja, hoe meer ik aan flarden van herinneringen heb of opschrijf ik moet me wel voldoende veilig voelen wil ik me over dat ongeloof wat in me zit en ik vaak nog denk omdat ik het ergens niet kan of wil geloven. Het lijkt verdorie wel een thrillerfilm met acteurs met een dubbelrol waar de ontknoping nu nog moet volgen. Het is geen wonder dat ik ergens niet vertrouw.

Brief aan moeder

Lieve moeder, ik heb heel veel verdriet, angst gehad, bang voor mijn vader, voelde me nooit veilig, waarom nam je het niet voor me op, waarom was je geen lieve beschermende moeder, waarom al die verwijten, waarom, waarom. Had je niet door waarom ik 's nachts rondzwalkte in het donker, wou weglopen, iemand vertellen, iemand die hielp. De hopeloosheid die ik voelde en jij ach. Altijd moest ik weer naar dat huis waar je man me misbruikte. Je wist het. Je hield me in de gaten, bang als je was dat anderen het door kregen. Ook later waren mijn dagboeken niet veilig voor je. Maar jij dacht natuurlijk onze zoon moeten we controleren, hij is gek immers. Hou kon je dat toestaan. Ik begrijp dat werkelijk niet. Hoe kon je me wassen en me in mijn piemel knijpen en zeggen dat ik een pervers jongetje was. Hoe kon je kokend water in het badje gieten juist op mijn plasser. Moeder jij bent zelf misbruikt en die gemeenheid in jou vierde je bot op mij. Hoe kon je toelaten en weten dat ik als peuter anaal met een pook misbruikt werd. Jij wist hoe je man was, maar deed niets. In je gemeenheid maakte je mijn zusje en broertje duidelijk dat vader dat met hun deed omdat ik gek of ziek was. Zag je niet hoe ik gek werd uiteindelijk, je dwong me een beeld van je eigen ideaal op, je hield geen rekening met het feit dat je een gevoelige en intelligent kind had. Waarom gaf je je man niet aan bij de politie, waarom was je ijdelheid en gekwetst ego zo belangrijk. Jij domme vrouw, zo naïef op je manier, geen lef om je man een schop te geven, hem achter te laten in de gevangenis. Idealen en hoe anderen dachten vond je belangrijker, alsof aankleden als poppen en uiterlijk vertoon zo belangrijk was. Je leefde met je eigen verleden die ik slechts kan raden in een droomwereld. Altijd zenuwziek, dreigen met zelfmoord, niet afvragen wat er met mij gebeurde, klagen bij jeugdzorg, tehuizen en de psychiatrie en dan weer verwijten. Waarom zag je niet wat er in me omging, waarom beschermde je je man zo. Waarom kocht je artsen om, stuurde je iedereen weg die je confronteerde met wat ik aan hun in vertrouwen vertelde. Je hield me als een havik in de gaten wat ik tekende. Waarom was je gewoon niet volwassen, jij soms domme flirt. Wat wilde je eigenlijk, het gezin met je beschadigde kinderen gewoon koste wat het koste maar door laten gaan, met de leugens, smerigheid en wat ik zoal niet weet. Oh, je was op jouw manier zo gespeeld naïef, maar je wist bliksems goed wat er gebeurde. Je ijdelheid en je onnatuurlijke ego, niet zien en voelen wat er werkelijk gebeurde. Jij wees me af, jij was me zat jij zag niet hoe je zoon zo in de knoei zat en ik moest van jou een lieve brave jongen zijn aangepast aan je ideaal van je dromen die je als vrouw feitelijk niet waar kon maken. Jij zelfzuchtige vrouw. Zelf gefrustreerd. Tja ik heb er geen woorden voor. Jij op jouw manier speelde het meisje dat wellicht zelf miskend en misbruikt was en probeerde dat met een ego die anderen ontkende en jezelf emotioneel. Jij liet me geloven dat dit liefde was, als ik maar ophield met protesteren, maar je zag niet waarom ik boos was. Je wist iedereen zo te bespelen en ze geloofden allemaal dat je het moeilijk had en een moeilijke zoon waar je zogenaamd van hield. Zo vaak kreeg ik als kleuter verwijten daardoor van jeugdzorg, de zenuwarts in de psychiatrie, de leraren op de lagere school, die het gepest tolereerden en en toelaten dat kinderen zeiden "Gekke japie", de juffen op school, ik was aan alles schuld. Toen een juf op de kleuterschool zag dat mijn ruggetje open geslagen was, werd er geen arts geroepen, nee, ik moest op het kantoortje komen om uitleg te geven. De stoute jongen. Ze vonden dat ik raar deed als ik als kleuter angstig weg kroop met verhulde zweepslagen op mijn rug. Maar niemand die me in vertrouwen nam, niemand die iets doorhad. Men kwam van de kleuterschool wel eens informeren waarom ik soms zo lang weg bleef, maar moeder wist dat weer te verhullen. Moeder vertelde weleens dat ik ziek was en noemde dan schizofrenie. Beterschap Japie, wanneer kom je weer, je moet wel beter willen worden hoor. Er werd geen zedenpolitie op de zaak gezet. Eigenlijk had toen de politie de deur bij ons gezin moeten forceren en me daar wegnemen. Op school moest je een braaf kind zijn, luisteren en gehoorzamen. In rapporten stond vaak of je wel met plicht je best deed. Wel moeder ik zou willen dat je zelf gek werd en ook eens geshockt werd met je leugens, jij was zelf ook geraffineerd en je wist precies wat er aan de hand was. Als antwoord gaf je eens "je was als baby al een gek kind, je kon niet van mijn borst afblijven. Je speelde alleen met je beentjes, je kon je armen niet bewegen. Je zei "niemand wist wat je had, als baby" Je was een raar kind, dat je met open gesperde ogen wezenloos aankeek. Je zei "je keek altijd angstig uit je ogen" Wel ik zal je vertellen moeder, vader mishandelde mij. Ja, hij stopte zijn erectie in mijn mond. Soms heb ik vage indrukken dat iets in mijn mond wordt gestopt, iets zachts en warms waar ik aan moet zuigen. Door al die ziekenhuisopnames als gevolg van wat ze met me deden, had ik als kleuter ook vaak de angst dat iedereen weg was als ik wakker werd. Jouw ego wilde slechts goedkope aandacht, maar oh wee als die vrouw versmaad wordt of zich beledigd voelt, dan is ze uit op wraak en betaald zetten. Dat geklaag van jou zonder de waarheid te vertellen. Vond je het niet gek al die ziekenhuisopnames en hoe je daar de vrouw speelde met die perverse leugenachtige man. Jij wist op jouw manier iedereen voor je karretje te spannen als de gore waarheid maar besloten was. Ben je nou trots? Al je kinderen beschadigd op hun manier verknipt. Moeder ik ken je helemaal niet. Is dat wat je wilde, is dat je ideaal beeld verkoop je dat

aan de buren? Of is het meer dat je thuis ook mishandeld werd en misbruikt en er dus maar van uitging dat je kinderen het ook maar moesten accepteren en toelaten. Omdat dat meisje dacht dat niemand voor haar ook opkwam. Allemaal raadsels voor me. Ik kan het werkelijk niet begrijpen. Een gezin met keurige vitrages voor het raam, met geheimen en smerigheden, misbruik, mishandeling, dat moest allemaal besloten blijven. Goh, ons gezin wat een emotionele leugen. Als ik jullie nog eens opzocht, dan zat je me met je laars tegen mijn been op te rijden en wrijven. Dan durfde ik je niet aan te kijken, je gezicht was opgewonden, met je tong uit de mond. Je versprak je eens een keer toen je me met de naam van je man noemde. Raar vond ik dat ik dat. Dan voelde ik schaamte. Dan had vader door wat er gebeurde. Jij moeder zag me gewoon als seksuele partner, jij had op jouw manier geen enkel gevoel van wat normaal was. Kennelijk is misbruik gewoon voor jou. Jij en je man horen thuis in de forensische psychiatrie als plegers. Mijn intuïtie zegt me dat jullie allebeide verhulde DIS'ers zijn. Waarom omdat als ze me mishandelen of misbruikten dan een andere persoon leken, met een andere stem en vreemde gezichtsuitdrukkingen, die genoten wat ze deden, hun eigen trauma's botvierden op hun kinderen en dat later vergeten waren wat er gebeurd was. Tja en de buren die kwamen me vertellen en me aanklagen bij anderen, hoe aardig onze ouders waren en dat ik maar liep te beweren, dat ik me me moest schamen voor het leed wat ik hun aandeed. Maar ja zo kan jij en je man gerust een oude dag door gaan, er iets toch niets gebeurd immers. Toen ik je confronteerde met onze rare incestueuze relatie, werden je ogen heel groot en je dreigde iedereen tegen me op te zetten. Ja moeder je dreigde en je wist precies hoe. Maar ja, je zou wellicht dan ook de GGZ bellen en ze dwingen me tot andere gedachten te brengen en weet je ik geloof ergens dat ze dat ook nog zouden doen. Misschien zou je hun willen overtuigen zelfs me in een gesticht te laten opnemen. Jij krijgt het wel voor elkaar. Jij ziet me nog steeds als die gekke kleuter, die je wel even zou opsluiten in de psychiatrie. Misschien denk je of weet je "ach mijn zoon is gek, altijd al geweten en je hebt gelijk ik was ook gek" Trouwens dat zei je ook tegen me letterlijk. Als ik na ga hoe sommige psychiaters en zelf psychologen wellicht dachten "hij heeft schizofrenie, dus het zal wel in zijn hoofd gebeuren en niet werkelijk". Dat is me een aantal keren verteld. Sommigen vinden ook dat het net lijkt als ik droom, maar dat is meer omdat ik soms niet tot me wil laten doordringen alle gevoelens van angst, herinneringen en noem maar op. Ik leef of overleef met mentale kracht, want ik voel ook ergens dat ik nooit echt weer dat gevoel van zelf krijg. Ja, moeder ik herinner me toen ik een puber was een jongen van 12 dat ik bij je in bed kroop om wat warmte te voelen. Ik had het vaak koud als kind, emotioneel koud. Ik lag daar gewoon, ik voelde je hand naar mijn kruis gaan en je streelde me daar. Ik wist me geen raad. Ik hoorde je kreunen en voelde je heupen bewegen, schaamde me voor het gevoel en de angstige gedachte wat daar je daar deed. Toen ik het een psychiater eens vertelde zie die "gebeurde dat in je hoofd of was je in de war?" Zo wist jij als moeder te verhullen wat je deed. Zo vaak ontkomen vrouwen aan het feit dat ze wellicht pleger zijn. Dan vond je het fijn om met mij onder de douche te staan. Raar niet. Ik schaamde me. Je wou niet hebben dat ik een zwembroek aan deed. Je deed lacherig om het feit dat ik me zo schaamde voor het feit dat ik lichamelijk reageerde. Je was zo ijdel dat je het leuk dat ik je naakt zag. Toen ik als jongen daardoor een erectie kreeg en het niet wou of leuk vond, glimlachte je en zei "dat hebben alle jongetjes" Ik denk moeder dat je alle besef, omdat je zelf misbruikt was wellicht dat het zo normaal was. Dat je je stiekum aan mij kon verlekkeren. Dan kon je wellicht tegen een psychiater zeggen dat ik zelf het wou. Hij zou je wellicht geloven en denken dat ik als jongen het zelf opzocht. Hij zou me willen behandelen als een dader en je zou zelfs de man danken en denken, hij vind me een aardige en lieve vrouw die een ziek kind heeft. Misschien laat je me opnemen en behandelen voor het feit dat ik wellicht persverse gedachten heb. Hij zou denken wellicht dat ik ziek ben. Mijn dagboeken waren niet veilig voor je. Je inspecteerde alles. Dat voelde ik als jongen. Je vond me pervers, zoals je me als kleuter zag. Een vies jongetje in jouw ogen. Een geil jongetje, Je inspecteerde me, wou controle, zoals je me als kleuter in de gaten hield wat ik tekende en als je zag dat het ging om wat je vieze man deed, riste je de tekening weg en verbood me te tekenen en te spelen. Wekenlang nam je kleurpotloden en papier weg. Altijd kon je het zo spelen dat je ego gekwetst was en hoe anderen weer geen rekening met jou hielden. De vrouw spelen die te betreuren was, die het goed bedoelde. Jij stuurde iedereen weg die doorhad wat er in het gezin gebeurde, je gaf hun geld. Maar ga maar weer klagen over mij en het gekke is dat je heel goed weet, hoe je dat voor elkaar krijgt. Jij moeder weet niet wat liefde is, je kon niet normaal met je kinderen omgaan. Jij domme vrouw, hoe kon je zo ontkennen wat je man deed. Je wist het en ik voelde als je me aanraakte dat het seksueel was. Ik walgde van je. Walgde ergens van je lichamelijkheid en hoe je aanraking in zekere zin seksualiseerde. Raakte als puber in de war, werd zo een jongen die zich terug trok. Kroop ver weg in de kast, wou in het donker alleen zijn.

"Brief aan vader; ik hield van een duistere, geestelijk ongrijpbare man, een psychopaat"

Vader ik ken je helemaal niet, wie ben jij, je hebt me gek gemaakt, van angst, verwarring en de wat oudere puber was de enige in mij die je aan kon. Ik voel haat, angst en mijn geest zal nooit echt rust hebben ook al zou je dood zijn, want ik ben bang dat je me vanuit je dood nog zal vervolgen. Je was heel geslepen in kwellen, pijn doen, je deed lief als we smerige spelletjes speelden. Je loog en verwarde me. Ik ken je helemaal niet, een duistere man met een vreemde achtergrond. Ja ik weet dat je DIS bent, maar een sadist, die genoot sm-spelletjes met die geile vriendin, die zogenaamde tante of buurvrouw te doen. Je wist heel goed te liegen en wellicht heb je onbewust met geweld en dreiging iedereen bang voor je weten te maken. Zelfs je moeder was bang voor je. Maar je speelde allemaal rollen, met je geslepen plannen. Zelfs al zou je achter de tralies zitten of onder de grond liggen dan nog ben ik bang. Je hebt mijn geest kapot gemaakt. Je hebt me betrokken bij een geheime sm-club van pedofielen, die kinderen martelden. Je wist je overal uit te lullen, zo geslepen was je. Slaan en dreigen was de manier waarop je me klein hield. Je vernederde me, liet me niets voelen, ik was zo bang voor je dat ik wel van je moest houden. Jij bent een zelfzuchtige man die alleen maar aan zich zelf dacht, maar ook een alcoholist, een man die bij het minste of geringste al vloekt en scheld. Ik schaamde me voor je. Jij zielige alcoholist, liefhebber van kleine jongetjes, Ik voel doodsangst voor complotten die je samen met die geile vrouw smeedde om me te vermoorden. Jij wist je overal uit te lullen, hield me in de gaten waar ik was en wat ik deed. Waarom heb je me in leven gehouden, waarom. Je lachte me uit toen je daar samen met die buurman aan het voeteneind van het bed stond naakt met een stijve in je leren sm-outfit.

Zelfs die sadist van een benedenbuurman vond je ziek en nog erger dan hij al was. Je was bedreven in geestelijke marteling. Mensen ondergeschikt maken was je genot. Maar voor kinderen en vooral kleine aanhankelijke jongetjes was je lief. Ik zal pas rust hebben als ik zie hoe je sterft en dan nog moet ik het zeker weten. Maar ik wil die paniek in je ogen zien als je beseft en weet dat ik weet wie je bent en wat je allemaal gedaan hebt. Die ogen van jou in paniek zien rollen en groot worden. Het liefst zou ik je zelf willen begraven definitief, levend zoals je dat met mij deed. Zoals je mij geestelijk, lichamelijk vervloekt hebt tot een man die nooit echt rust heeft, zo wil ik zien hoe je zelf gek wordt. Maar die kinderen die dood zijn en die je met sm-martelde wel misschien dat hun geesten je in je slaap wakker houden. Maar ik ken je, het doet je niets. Je voelt er gewoon niets bij. Misschien is dat wel het geheim van je. Je voelt helemaal niets voor een ander, het is alleen maar een rol. Je lacht er om, geslepen man, die geen angst kent. Maar ik ga uitzoeken waar ze wellicht liggen. Ik hoop het. Vader ik weet dat je op foto's van je jeugd op de achterkant verschillende namen schreef. Je bent een geraffineerde man die overal onderuit kwam en wellicht vertelde je alleen maar leugens tegen anderen. Je mag dan wel een niet afgemaakte lagere school hebben gehad, maar je was wel degelijk slim. Je minachtte mij, je vrouw en het liefst zou je weer jongetjes pakken, samen wellicht met een vreemde vrouw en dan weer sm bedrijven. Nu ben je hoe oud in de negentig? Misschien al dood, maar je was zo onvoorspelbaar en wisselend. Je zweeg altijd als het graf, dacht zeker, dat is geweest. Maar als je nog leeft ga ik je opzoeken, je graf misschien. 

Met enige regelmaat kwam ik met de GGZ in aanraking gedurende mijn leven.  Uiteindelijk na eerst een tiental jaren als borderline gezien te zijn, waar ik me helemaal niet in kon vinden en daarna met de ziekte schizofrenie, wat betekende tientallen jaren dat praten over trauma's not done was, kreeg ik voor het eerst EMDR therapie en daarna CGT. Dat beide insteken qua beeldvorming en met name schizofreniehulpverlening niet aansloten is voor mij duidelijk. Maar het meest schadelijke wel was emotioneel gezien de schizofrene insteek. Het leek veel op wat mijn moeder al had gedaan. Met andere woorden 'ach dat kind is gewoon gek." Ik ben nu al twee jaar psychosevrij en heb ook geen PTSS meer. Het werd voor mij in het leven zo onveilig en angstig thuis dat ik uiteindelijk in een beschermde woonvorm terecht kwam. Ik ben mijn voormalige EMDR therapeute dankbaar dat ik haar mailbox mocht "volstorten". Herstellen is onder ogen zien, met in acht name van wat je aankan. Het is een proces. Kort gezegd betekend het geloven in herstel en geloven en ontdekken van wie je werkelijk bent. Ik begin meer en meer contact te ervaren. Maar dat kind in mij wil af en toe even naar buiten, de wereld in. Met uiteindelijk weer durven leven. Tot slot voor de psychiaters die vermoeden of twijfelen aan wat ik me herinner, omdat ik psychosegevoelig ben of was, wat mij betreft mogen ze. Misschien stelt het hun gerust dat dergelijke ervaringen niet kan gebeuren en maakt het hun wereld zo veiliger. Tot slot ik heb in mijn "loopbaan" van de GGZ waar men de werkelijke reden van mijn probleem nooit echt gezien, nooit gewild om zielig gevonden te worden. Want iemand zielig vinden is in zekere zin ook iemand niet meer daadkrachtig zien. Terug kijkende op mijn klachten, zijn deze met de tijd of jaren toegenomen. Nachtmerries ken ik al vrij jong. Ik had wisselende dissociatieve problemen, agorafobie met paniekstoornis, een periode met eetproblemen, twijfels over mijn seksuele oriëntatie, vele suïcidepogingen of gedachten, die alleen maar verergerden als ik me onbegrepen, angstig en in de steek gelaten voelde, 

black-out soms en pas op veel latere leeftijd mijn verwarring of wat nu achteraf een mengvorm van PTSS en psychosen waren die maar kort duurden. Terug kijkende kan ik stellen dat het jammer is dat de GGZ nooit echt heeft gevraagd in vertrouwen wat ik allemaal had meegemaakt. Dat dit meer moet gebeuren is me duidelijk. Tot slot ik kan beamen dat therapie voor de groep mensen die in hun ontwikkeling is mishandeld of misbruikt wezenlijk anders is dan de vaak aangeboden protocollaire behandelingen, zoals die van BPS, een paar EMDR behandelingen of de medimencateuse met een paar sessies over uitleg over de 4 G's. De emotionele ontreddering van deze groep is groter dan slechts die van mensen met BPS of zij met psychosen. 

"Mijn eerste herinneringen"

Mijn ouders hadden een zomerhuisje en het was een zonnige middag. Ik kan maar net lopen en zag mijn vader in de slaapkamer op bed liggen naar me kijken met een vreemde starende blik. Ik rende de tuin in en hij pakte me op en nam me mee naar de slaapkamer bij de hand. "mamma is er nu niet" Daar kleedde hij me uit en deed mijn broekje uit. De deur was dicht, die had hij op slot gedraaid. "Je moet het niet tegen mamma zeggen, wij hebben een geheimpje en gaan een spelletje spelen" Ik moest zijn piemel vastpakken. Daarna zei hij "je bent stout , nu is het heel groot geworden en nu heb je straf verdiend" "Of wil je soms dat ik dat ik zusje pijn doe?" Ik was amper vier. Moeder kwam binnen toen vader de deur opende en zag me uitgekleed.

"Wat heb je met hem gedaan?" Maar vader antwoordde "door jou moet ik je kinderen wil pakken, ik vermoord je nog een keer" Ik schaamde me en zag moeder van schrik een hand voor haar mond hebben. "Vooruit naar je slaapkamer" Daarna hoorde ik ze ruzie maken, moeder werd geslagen en ik hoorde haar vallen en moeder liep weg. Ik liep de slaapkamer uit en broertje moet me gezien hebben. Later vertelde broertje dat mamma was weggegaan en dat het mijn schuld was. Ze had zusje uit de wieg gehaald. Voor het eerst kreeg ik angst in de slaapkamer, bang voor hem, gespannen luisteren, wat ik later als kind constant deed. Opletten op voetstappen. Nu doe ik dat nog, als ik me angstig voel.

Ik herinner me niet veel van mijn kleutertijd, terwijl daar het misbruik het meest gebeurde. Ik herinner dat als ik overdag ik van kleuterschool kwam, ik erg bang was. Bang voor mensen die ik tegenkwam, bang voor grote auto's of vrachtwagens. Ik was zo bang voor alles dat om mezelf gerust te stellen praatte ik hardop tegen mezelf. Terug kijkende nam ik mijn omgeving ook als raar of vervormd weer. (derealisatie) Nooit had ik zin om weer naar huis te gaan. Ik voelde veel angst en ook verdriet. Soms wilde ik helemaal niet naar huis en zwierf dan wat rond. Op de kleuterschool speelde ik vaak alleen, andere kinderen met wie ik haast niet omging meden me. Ze vonden me kennelijk raar.

Ik herinner dat ik op een winterdag zo angstig was, dat een meisje me bij de hand nam, omdat ik gewoon niet naar binnen durfde. Spelen durfde ik haast niet. Als ik er aan denk, zwelt het verdriet in me op. Het maakt me boos en dan wil ik lijkt het wel dingen kapot gooien. Het voelde zo hopeloos. Ik vertelde soms thuis tegen andere kinderen die met mee gingen naar huis wat er thuis met me gebeurde. Velen heb ik daarna nooit meer terug gezien. De meesten geloofden me niet. Ik speelde altijd alleen. Meed andere kinderen ook. Vaak ging ik s'avonds alleen de deur uit en speelde dan buiten in de nacht alleen. In gedachten vertelde ik s'avonds met een getekende gezicht in het zand in het donker aan juf wat ze me deden.

Lange tijd was ik veel vergeten van wat er in mijn kleutertijd gebeurd was, een zwart gat, waar ik kon donderen, te erg om aan te denken. Maar als ik alleen in bed lag kwamen soms de flarden. ik woon in het hoge Noorden en ongeveer vanaf mijn 4e levensjaar chronisch misbruikt door vader, buurman, buurvrouw en later moeder. Nergens was ik veilig ook niet als kleuter in de box, waar vader met een kachelpook in mijn anus zat te porren. Gelaten liet ik het toe. Ik voelde zo'n stille vernedering. Mijn zelf en lichaam werden een ding. Ook was er sprake van ernstige mishandeling. De ervaringen zijn ernstig, misbruik in groepen op sadomasochistische manier en als straf overgoten worden met petroleum naakt. Men wou mij in de fik steken als kind, omdat ik vertelde tegen een vrouw wat vader met mij deed. Ik werd daardoor uiteindelijk denk ik ook makkelijk slachtoffer van pesten op school, waar men toen nog niets tegen deed. Veel was ik in mijn volwassenheid vergeten. In mijn tijd wist men niet dat jongens misbruikt en mishandeld konden worden. Pas op latere leeftijd kreeg ik er EMDR therapie voor en ben nu nog in behandeling bij een GZ-psycholoog. Ik schaamde me altijd voor mezelf, twijfelde altijd aan mezelf en aan mijn gevoelens, kon niet in een bed slapen met een vriendin, die me trouwens ook niet geloofde. Vaak vroeg ik er aandacht voor en opperde dat ik flashbacks had, maar daar ging men niet op in. Ik twijfelde vaak of ik nou wel of niet van vrouwen hield, ik raakte daar soms van in de war. Toch heb ik nooit relaties met mannen gehad en werd toch vaak verliefd op een vrouw.
Mezelf mooi en aantrekkelijk vinden of vrouwen was er niet bij. Vaak had ik het idee dat ik van binnen een zwart gat had, waar ik in kon donderen. Ik was ergens altijd gespannen in contact met vrouwen/mannen en op mijn hoede. Mijn problemen werden langzamerhand met de jaren erger. Het begon met nachtmerries, sociale fobieën en pleinvrees. Pas op latere leeftijd werd ik psychotisch en nu slik ik antipsychotica. De GGZ vind mij schizofreen, wat ik betwijfel en sommige andere psychiaters ook. Ik ben volgens mij gewoon gek geworden op den duur door een opeenstapeling van isolement, niet geloofd en niet behandeld worden. Wat je ook vaak ziet bij ernstig getraumatiseerde vluchtingen. Nooit was het thuis komen bij een hulpverlener. Op een gegeven moment ging ik in mijn hoofd stemmen horen die leken op mijn vader, moeder en die buurman. Op latere leeftijd ontwikkelde ik ook PTSS met vermenging van psychosen. Nu erkend men eindelijk dat traumatische ervaringen kunnen leiden tot psychosen. 

Ik was al redelijk op leeftijd, toen ik EMDR kreeg en toen ik met de beelden moest stoeien opperde ik: "daar heb ik nou een halve eeuw mee rondgelopen." In het begin was ik bang dat ik overspoeld zou worden in behandeling, maar dat bleek achteraf erg mee te vallen. De meeste hulpverleners gingen het liever uit de weg en sommigen waren bij het aanhoren ook meer met hun eigen reacties bezig en rare gedachten over hoe het voor mij moest zijn. Ik wil niet zeggen dat de GGZ nou slecht is, maar het is jammer dat men geen open houding naar mij toe had. Waar ik behoefte aan had was een sfeer waarin ik kon voelen en uiten wat het me deed. Ik belande al vroeg als kleuter op een afdeling van de psychiatrie waar ik geshockt werd met insuline en stroom. Dat ging toen zonder spierverslapend middel en of verdoving. Mijn ouders vonden me maar gek en misschien was ik het in mijn geest ook wel.

Politie, maatschappelijk werk, oppas en artsen, die in zekere zin toen de deur bij ons plat liepen, deden niets voor mij. Dat niets doen terwijl je gevangen zat, is ook een trauma die maakte dat ik tamelijk terughoudend werd naar mensen die hulp in hun vaandel hebben. Ik moest samen met moeder als kleuter naar de gevangenis. De agent zei "vertel maar dat het allemaal maar fantasie is, je ouders geven om je of iets dergelijks."  De buurman achter tralies zei nog: "wil je een goed woordje voor me doen bij de politie." Ik wist toen we in zijn auto uiteindelijk naar huis reden, dat ik nooit meer gelukkig zou worden. Het misbruik is daarna erger geworden en gewoon door gegaan. Vanwege ondervoeding en wonden of botbreuken belande ik vaak in het ziekenhuis. Ik liep ook vaak het huis uit als ik lag te slapen en ging alleen in het donker spelen.

Buiten voelde ik me veilig en liep daar maar in mijn hemdje. Ik wilde toen al weglopen, weg uit dat gezin. Doordat ik altijd naar buiten vluchtte s'nachts bonden mijn ouders me op advies en medewerking van dezelfde arts die me schizofreen vond, daarom via een tuigje aan de muur vast s'nachts in de keuken. Vader schepte er genoegen in me zo vast te snoeren dat ik ook bijna geen lucht kreeg. Op een avond omdat ik vastgebonden was begon ik te schreeuwen van angst en pijn, sloeg hij met een knuppel de onderbenen kapot. Meneer wou gewoon seks hebben met moeder en ik stoorde hem maar. Er is daar op SM achtige wijze in groepsverband ook een meisje bij geweest die zwanger werd van het misbruik. De baby is vermoord. Maar dat is te afschuwelijk om hier op te schrijven, hoe dat is gegaan. Het had tot gevolg dat ik meer dan een jaar niet richting mijn oven durfde te kijken in mijn woning.

Vader was altijd dronken als hij me in groepsverband misbruikte. In groepsverband waren er toen ook artsen, agenten en anderen bij met hoge functies die in het geniep in groepsverband SM bedreven met kinderen. Ik hoorde s'nachts terwijl ik daar opgesloten was, hoe ze met elkaar overlegden en plannen smeden. Dan gingen allerlei perverse plannetjes onder genot van drank de ronde. Daarom weet ik hoe georganiseerd en ongemerkt kinderen nu nog worden misbruikt. Dat lees je pas als het gaat om schandalen die jaren hebben hebben geduurd. Pas nu neemt men mij serieus en vroeger wist men ook niet hoe te behandelen of wat het was voor slachtoffers. Pas de laatste paar jaar ben ik psychosevrij en heb geen angsten of PTSS meer. Ik slaap weer rustig. Ik heb veel liefde en zorg gemist en dat moet ik langzamerhand opvullen. Ik kan zo nog wel uren doorgaan en de verhalen lijken niet op te houden. Buitenstaanders zouden het vermoeden krijgen dat  ik wel een wrak moet zijn of dat het nooit wat met me wordt. Ik heb me daar altijd tegen verzet en ben ondanks alles toch ergens hoop blijven houden. Ik had ook vaak suïcidegedachten en heb een paar pogingen gedaan. Zoiets doe je vaak uit wanhoop en geen raad weten.

Nu merk ik dat het verdriet in me opzwelt, maar mensen moeten me dan niet gaan aanraken. Blijf van me af, ga weg is wat ik wil roepen. Sodemieter uit mijn hoofd zei ik weleens hardop. Het vergt heel veel moed om je demonen onder ogen te zien. Maar je gaat er niet dood aan, misschien is dat wel het rare. Hoe erg het ook is - sommige worden domweg als hopeloos beschouwd - er is ergens altijd hoop. Je moet de moed hebben om het verdriet en de beelden onder ogen te kunnen zien en te ervaren dat het geweest is. Seks hoort iets natuurlijks te zijn en spontaan. Het verdriet moet slijten met de jaren. Maar ik zie nu in dat ik deze ervaringen moet zien als wat eigenlijk niet bij het leven en dat ik beter hebt verdient. 

Wat het voor mij heeft betekend is is wel dat er nog een diep gevoel van alleen moeten opboksen tegen liefdeloosheid, die je in je latere leven maar moeilijk kan opvullen. Het is een gevoel van totale onverschilligheid tegenover mij. Het was de GGZ in zekere zin toen ook onverschillig en nog steeds hoor ik en merk ik dat er veel slachtoffers zijn die nooit in de gelegenheid worden gesteld hun ervaringen te kunnen verwerken. Die diepe pijn van en penetratie van onverschilligheid voor wat ik ben, kan ik maar moeilijk veranderen. 

Beetje bij beetje begin ik te herstellen. Ik had vele crisisopnames gehad en nu al een geruime tijd niet meer. Ik begin mezelf weer terug te vinden, het kost tijd en tijd moet je nemen. Ik weet dat er velen zoals mij zijn die het lezen. Ik kan daarom ook heel slecht tegen onrecht en onnodig laten lijden van mensen. Dus mensen begin met weer geloven in jezelf en je eigen verhaal. Uiteindelijk valt alles op zijn plaats en kan je je losmaken. Wat mij heeft bevrijd is schrijven, de website, contacten die ik opdeed, cliënten met kennis en inzicht en ik merkte tijdens het schrijven hoeveel kennis ik had. Mijn geest werd als het ware bevrijd, emotioneel, spiritueel en intellectueel en daar is niets mis mee. Ik heb het vermogen op een diepe intuïtieve wijze om cliënten met een achtergrond van kindermishandeling snel te kunnen inschatten op ernst en samenhang van klachten. Ik kan daarom hulpverleners ook van advies voorzien, hoe je de problemen moet zien en interpreteren.

"Toe maar Japie"

Het was op een avond, dat ik weer eens een nachtmerrie had als kleuter en dus liep ik naar de slaapkamer van mijn ouders. Ik zag een stokje liggen van een plant. Mijn ouders lagen in bed, het moet al licht geweest zijn. Ineens veerde vader overeind en met een andere jongensstem en gezicht zei hij "toe maar Japie, dat vind je toch lekker" Hij doelde op mijn zusje die daar in de wieg lag. Ik leunde voorover en wou mijn zusje aanraken met het stokje. Een moment later veerde moeder overeind die mijn vader gehoord moet hebben. Vader werd hier wakker van zogenaamd en zei op de vraag van moeder "wat gebeurd hier" iets onnozels en dat hij ook net wakker werd van haar. Ik weet niet wat er daarna gebeurde. Maar vader moet me soms in bed als ik lag te slapen in mijn oortje met een andere jongensstem hebben ingefluisterd "toe maar Japie je wil weglopen en naar buiten, ga maar" Op vele avonden maakte hij me zo wakker, dan ging weer naar bed en de volgende ochtend deed hij alsof ik stiekum en zonder toestemming weg liep. Er zijn veel meer momenten geweest dat vader anders was, zo wisselend en dat hij vaak als ik lag te slapen dingen in mijn oor fluisterde en als ik dit tegen moeder zei was zijn antwoord "Japie is weer psychotisch oid" Moeder had niet door dat als ze nacht weg was dat hij sm bedreef met de buurvrouw en mij daarin misbruikte en martelde. De vrouw dwong me dan met haar hand in mijn nek zijn sperma door te slikken tot ik er van kokhalsde. Dat gebeurde vele nachten en elke keer wist hij daar niets van. Dan was in de ogen van moeder wat vader aanmoedigde "Japie weer gek" Het is niet alleen een nachtmerrie wat me is overkomen, maar ook hoe ik als slachtoffer weer werd gezien als gek en dus fantaserend. Zo heb ik jaren geleefd mijn eigen realiteit werd ontkend en dus moest ik wel weer naar dat gesticht. Maar ook daar deed men er niets aan. Naast het misbruik is dat nog wel erger. Hoe vader, buurman en moeder

allemaal er voor hadden gezorgd dat die naïeve GGZ me behandelen alsof ik niet wist wat de realiteit was. Maar vader deed dit heel bewust, want ooit zei hij eens tegen die buurman "niemand geloofd wat hier is gebeurd en acht mijn vrouw denkt toch dat haar zoon gek is" Zo was het dus ook, maar ook moeder loog ergens want ze wist heel goed wat er met me gebeurde. Ik herinner me dat ze op zondagochtend in de schommelstoel zat, alsof het niet de moeder was die ik kende een heel andere vrouw die soms haast zo leek in de war en raar lachend schommelde. Ze had daar de hele nacht in gezeten zo leek het. Moeder die wanhopig vroeg "waarom hou je niet van me, wat is er met jou aan de hand" Maar ja als ik thuis tekende en ze had door dat het een tekening was over dat groepsmisbruik dan kwam ze achterdochtig de kamer binnenlopen en riste de tekening weg, verscheurde het en als straf mocht ik een week niet spelen nog tekenen. Moeder was een vrouw die net een engel uit de hel was, vol wraak. Ze kon me met gemak mishandelen of me een hele dag in de meterkast opsluiten en dan vervolgens vader laten zeggen tot tevredenheid "zo Japie heb je waar je mond voorbij gepraat, vanavond ben je weer aan de beurt..." Dan liep ze tevreden naar de keuken om dan met eten bezig te gaan en dan deed ze net alsof er niets gebeurd was. Dan leek haar gezicht zo ontspannen en lief. Zo vaak als ik iets vertelde zei ze "ben je weer in de war" Maar toen de GGZ of de kliniek een beugel bracht en vader die aan de muur bevestigde en me daar aan vast bond en ik schreeuwde van pijn hoorde ik vader zeggen "hoor em eens te keer gaan" en ik hoorde hun lachen. "ach dat gek kind", zei ze dan.

"Je gaat naar een ander gezin"

"zo dacht moeder van me af te zijn, maar vader had een plannetje, bij de benedenburen een geheim SM-clubje
waar ik aangelijnd mensen met hoge functies moest pijpen en gehoorzamen, zo diep dat er zelfs politieagenten bij waren
en overheidsfunctionarissen vermoedelijk. De zelfde arts die me kende toen moeder me mee nam naar het ziekenhuis
Daar in besloten kring werden plannen gesmeed om buurkinderen bij te betrekken, met drank
en de grote spin was de vrouw die moordplannen beraamde om me uit de weg te ruimen. Hier werd ik gemaakt tot een willoze seksslaafje van vader en de andere pedofielen. Vader was zo slim dat hij wist dat mijn moeder me gek vond. Een moeder die schrok van wat haar kind deed. Opsluiten en bestraffen was haar devies. Zij was weer de zoveelste verwijt. Mijn moeder deed vroeger lief en zo moest ik ook zijn. Maar mijn moeder had niet door hoe dat gezin onder ons met vader allerlei perverse wellustelingen waren. De GGZ had haar verteld dat ik gek was. Die buurjongen die eigenlijk de baby in de oven liet bakken, gaf op zijn manier wraak. Moeder en die vrouw dachten dat ik het had gedaan. Moeder dacht ergens dat komt omdat mjn zoon gestoord is." Hier begon de totale wanhoop, verraad en uitspelen van werkelijke intenties en eindigt met een man die ook door de GGZ het lliefst wordt gezien "ach hij zal wel redeneren vanuit een psychose"

Op een ochtend kleedt moeder me aan in de keuken, ze doet mijn jasje aan en geeft me de koffer met kleren. "We kunnen je niet meer thuis hebben, je gaat naar een ander gezin" Dan komt vader even later langs. Hij tilt me op bij mijn borst en pakt de koffer. Ik denk dat we met auto gaan. Maar vader gaat naar de benedenburen. Daar in de woonkamer staat een getimmerde hok, een soort hondenhok met deur en spijlen en een slot erop. Ik word uitgekleed en krijg een ketting om. De deur gaat open en moet er in kruipen. Vader en benedenbuurman staan er bij en lachen. "Vanavond ben je weer aan de beurt..." Het wordt donker en vaak wordt ik in gezelschap van andere mannen aan de ketting naar buiten getrokken. Daar moet ik pikken afzuigen die uit gulpen hangen of in blote lichamen met riemen om en bedreven ze misbruik in SM-vorm met me. Met zwepen slaan ze me aangelijnd en ik moet kruipen over de vloer aangelijnd. Elke nacht sperma doorslikken. Lachende, geil opgewonden en kreunende mannen die ik niet ken. S'avonds komen de heren, drinken eerst wat en kleden zich dan om in hun sm-outfit met hun kappen op hun hoofd. De vrouw haalt me dan uit het hok, ze is ook naakt en zegt "je vindt me toch geil hè en mooi en pakt mijn piemeltje.." Dan onderga ik hun soort rituele misbruik met vernedering en ik ik herken de mannen niet met hun kappen op, wel aan hun stem. Amper 5 worden me allerlei stijve erecties is mijn mond geschoven. Soms beginnen hun lichamen te trillen, wat ik voel aan hun stijve in mijn mond en hun plotselinge gekreun. Ik word gedwongen sperma door te slikken en moet dan vaak met mijn rug naar hun toe staan om geslagen te worden. Vaak was ik in een toestand van wezenloosheid, om niet te voelen of te weten. Sommige mannen begonnen soms weerstand te voelen en vader uitte dan zoiets van "dat is goed voor hem, hij moet weten wie de baas is en dat is goed voor zijn geest" De vrouw delegeert de mannen min of meer. Na afloop wordt ik weer in het hondenhok op gesloten. Zo gaat het vele nachten. 's Ochtends legt tante voedsel op een bordje voor me neer met een glas melk voor het hok en wast me met een handdoekje voor het hok mijn gezicht. Op een gegeven moment smeerde ik mijn gezicht in met eigen ontlasting als ik s'avonds niet naar de wc mag. Het gezuig aan pikken moest afgelopen zijn. Ochtends krijg ik les. Ik ben amper 5 en buurman speelt leraar. In de kamer had hij een bord gemaakt waar hij woordjes op schreef en die ik moest uitspreken. Ik moet Duitse en Nederlandse woordjes leren. Ik was toen al  redelijk intelligent en had er geen moeite mee. a'Avonds hoorde ik muziek van een LP het was Duitse leger muziek of marsmuziek. Ik herinner me dat die beneden buurjongen die veel ouder was en ook s'nachts in de ouderlijke slaapkamer werd misbruik en geslagen. Ik hoorde en zag door de spijlen hoe hij de woonkamer naakt en geslagen werd gegooid. Op een middag - een aantal maanden later - was ik met hem in de woonkamer en zag allerlei dozen met 8 mm filmpjes "Bergen Belsen" "Dachau" in een kast liggen. Hij vertelde me wat er in zat. Acht millimeter filmpjes van concentratiekampen die zijn vader bezat en die ik toen daar in het hok of in die kamer heb gezien. Ik herinner het flikkeren en het gepraat soms in Duits van de andere mannen. Dan werd er gedronken. gepraat en gelachen. Ik hoorde soms wat ze met me van plan waren en met andere kinderen uit de buurt. Nie

alleen bespraken ze hoe kinderen moesten lokken en met sm moesten misbruiken, maar ook beraamden ze een plan om de burgemeester van toen te gijzelen of te vermoorden en het oude Nazi-regime in ere wilden herstellen. Kortom op regionaal gebied een coupe. Vastgeketend in dat hok en ondervoed, machteloos zag ik beelden van die 8 mm filmpjes van hoe het in concentratiekampen toeging en hoe opgewonden ze waren. Ik zag en dat herinner ik me hoe een gevangene in gestreepte kleding in de oven werd geschoven. Ik zag ook hoe zijn gezicht nog bewoog. Hij leefde nog. Beneden buurman was een oud SS'er of medewerker van het Scholtenshuis. Tijdens deze seksbijeenkomsten waarin kinderen uit de buurt naar toe werden gelokt, zo verteld me een vage herinnering, zijn ook een paar vermoord. Ik herinner dat ik op een moment als kind wat hardop machteloos tot God bad en me moest helpen. Maar vader hoorde dat en gaf antwoord op al mijn smeken met een andere stem alsof hij God was. Op het laatste antwoordde hij als God "sterf maar God is dood.." Verder herinner ik me dat ik in de hok s'nachts alleen met een lichtje in bloed van mijn vingers gezichtjes tekende van broertje en zusje. Ik huilde en wilde graag hier weg. "Waar zijn jullie.."

Trots liet de buurjongen een doos zien met martelwerktuig, een oud lederen zwarte SS uniform en een Luger in een holster. Hij pakte het wapen en richtte het op mij en vertelde "ik schiet je dood als je iets verteld." Op een avond wist ik me te bevrijden en liep naakt met de ketting aan me een verdieping hoger en opende de deur. Daar viel ik voorover in de gang en moeder zag me liggen. "Jij duivelskind..", schreeuwde ze en liep naar beneden. Even later haalde de jongen me aangelijnd terug naar het Hellehuis. Alle hoop verloren. Uiteindelijk moet vader medelijden met mij hebben gehad en heeft me daar weggehaald. Ik belande zwaar ondervoed weer voor de zoveelste keer in een ziekenhuis, waar ook een arts werkte die meedeed aan het clubje. Vader haalde me daar op een gegeven moment op zijn armen weg naar het ziekenhuis, nog net bij bewustzijn. Maar vader hield niet genoeg van mij om me daar maar te laten sterven. Maar zadelde me op met ervaringen die ook de GGZ niet geloofd. Maar niet lang daarna ging het misbruik weer gewoon door. Zo leef ik met mijn herinneringen nog in een twilight-zone.

In het gezin beneden

Ik herinner dat ik daar was. Soms herinneringen dat ik daar aan tafel zat. Het was een katholiek gezin met een kruis bovenaan de muur. Aan tafel werd gebeden. Ik was zelf niet gelovig opgevoed. Ik kreeg als kind slechts koude bonen uit blik, terwijl zij vlees, aardappels en groente kregen. Dan werd er gelachen als ik vroeg waarom. Ik moest dankbaar zijn werd er gezegd. Hun dochter zat er ook ook bij en zoon. Beiden werden net als ik regelmatig misbruikt, maar ze zwegen vooral het meisje. Ik voelde dan hun huichelachtigheid. De vader was een een oud SS'er en genoot me op te voeden in de leer van de Nazi's. Hij was gek op oude Duitse marsliederen. In de keuken stond een flesje broom. Ik hoorde de verhalen van Jezus aan en begreep als kind waarom ze zo deden. Ze hadden geen liefde, Jezus zou me helpen hieruit. Maar vader lachte me uit als ik over God praatte. Ik zocht steun en liefde, begreep het niet. Maar Jezus stond het toe, zoals de Kerk en het geloof alles toedekt. De vrouw had een relatie met mijn vader beiden een liefhebber van perverse SM, waar ze mij als kind en andere kinderen bij betrokken. Die man was op een andere manier ook groter sadist als mijn vader. Hij zag zich zelf als een verheven blanke man een echte Arier, die anderen het liefst wou vergassen en martelen en uithongeren. Hij zei dat gewoon lachtend en onderhoudend aan tafel terwijl het kruis er hing van Jezus dat Joden, communisten en alle anderen zoals gekken vergast moesten worden. Eerst lazen ze vroom en schijnheilig uit het boek en dan gingen verhalen de ronde over "untermenschen" en uitschot die vergast moesten worden. Zijn vrouw hoorde het aan en ik zat daar met een beeld van God, met schamele eten dat hij me liefhad. In gedachten vertelde ik tegen Jezus wat ik allemaal voelde en meemaakte. Maar Jezus hing daar maar aan het kruis. Jezus deed niets zoals zo vaak. Het is de mens die verhuld pervers is en misbruik komt zo veel voor dat we dat niet willen geloven. Hij vertelde trots hoe hij onderduikers en Joden martelde en velen zoals hij zei verdient de gaskamer in stuurde. Het waren geen mensen in zijn ogen. Vader ging met hem om, om zo samen met hem te bespreken hoe hij kinderen en zijn lust om misbruiken kon botvieren. Maar die buurman vond mijn vader pervers een viezerik. De grenzeloosheid was zelfs voor hem als pedofiel, oud Nazi of sadist te erg. De moeder deed altijd mee aan het misbruik en organiseerde SM misbruik avonden waar vader veel geld aan verdiende. Tegen mijn moeder deed hij alsof hij nog in de broodfabriek werkte s'avonds. Geslepen als hij was. Hij hoefde ook niet meer te werken, want die hoogopgeleiden met goede banen hadden geld genoeg en vader was zo geslepen ergens dat hij hun ook weer kon chanteren. Tegen haar deed hij bewust alsof mijn waarheid over wat hij deed viel onder gekte of zoals mijn moeder door de GGZ verteld werd psychotisch. Hij zei ooit eens "ach niemand geloofd wat hier gebeurd is, mijn vrouw denkt toch dat ik gek is." De vrouw was het brein achter die geheime pedofielen SM club. Artsen, hoge politiefunctionarissen en anderen verzamelde ze en die konden jaren kinderen misbruiken. De buurman deed deels mee, maar meer om zijn Nazi sympathieën tot uiting te brengen en zag het meer als een geheime club hoge mensen die weer het Nazi regime in ere moest herstellen. Maar hij zelf was ook een SM liefhebber en tevens een pedofiel. Ik zie ze nog staan in hun leren outfit met erecties terwijl ze me uitlachten, wetende dat niemand dat kind zou geloven. IK zeg je en dat weet ik binnen een tijdsbestek van een jaar of iets meer zijn daar honderden kinderen meegelokt en misbruikt. De samenzwering van die perverselingen was zo diep en groot, vooral omdat ze voorname functies hadden, politie die wellicht de ware toedracht wat daar gebeurde verdoezelen, artsen van het oude ziekenhuis, leidinggevenden waar ik als kind verwond, mishandeld en ondervoed belande, die niet wilden dat ik hun herkende of dat mijn relaas zou leiden tot arrestatie. Mijn vader en buurman die me opzochten en als artsen vroegen wat er aan de hand was of waarom ik die wonden had, vertelde vader en moeder natuurlijk dat ik gek was of wel schizofreen en natuurlijk moeten die artsen die rapporten van de GGZ ingezien hebben of gelezen hebben. Soms zei die buurman "kijk dokter we hebben het al zo moeilijk door hem, we maken ons zorgen, hier kan ik u wat aan bieden, geld..." Moeder nam me in het begin of eerder wel eens mee. Flirtte met hem, maar ik wantrouwde hem. Moeder flirtte altijd met mannen die bij haar op bezoek kwamen. Moeder wou altijd bewondering van mannen. Het maakte niet uit of ze getrouwd was. Flirten en complimentjes wou je ze wel. Op een middag was ik daar in de keuken, speelde met een pop uit een wieg die ik wou schoonmaken onder het aanrecht.

Mijn broertje was er en die liep weg naar boven. Ik vertel het tegen moeder. Iemand gaf me alcohol uit een fles. Ik deed de pop in de oven om te drogen. Iets ze me dat ik lucifers moest halen. Ik was beschonken en zag niet goed wat er in de oven lag. Als ik dat had gezien, had ik gezien dat de oudere jongen wellicht de baby van haar zus in de oven lag. Ik ging naar bed. Alles spinde. De vrouw werd wakker van de rooklucht. Ze schreeuwde je hebt mijn kind vermoord. Ze pakte een mes van de muur en stak het omhoog "ik rijg je aan het mes" zei ze. Maar wat ze daarna deed is nog afschuwelijker. Ze nam me mee en lijnde me weer aan en deed me weer in hok. Daar heb ik nachten en dagen gekeken naar het lijkje. Ze liet me honger krijgen en ze wou me het kindje laten eten. Moeder pakte me beet op een dag en zei "weet je wel wat je daar gedaan hebt" Bij Oma was een geheime kamer waar het wiegje stond van de baby van het meisje. Daar lagen ook de spuiten die ik kreeg als kind van de GGZ. Daar lagen ook dagboeken van het meisje. De geheime kamer waar niemand mocht komen. Op slot want dat was de geheime schande van Oma en moeder die dachten dat hun zoon het deed omdat ik stemmen hoorde of gek was. Oma wist wat wat stemmen waren, want haar zoon was net zo gek. Maar ik vond de sleutel. Moeder wou me een les leren en sloot me dan de hele dag ik meterkast op. Dat ging bijna elke dag. Vader haalde me er dan weer uit en zei "zo vanavond ben je weer aan de beurt, heb je weer je mond voorbij gepraat." Maar het moet de oudere jongen zijn geweest die het verwisselde. Ik herinner me dat ik bij hun was en dat het meisje hem berijde, ze hadden seks samen meerdere keren. Het meisje was eigenlijk en volgens mij zwanger van hem. Maar het gezin en zij deden alsof het kind van haar verloofde was. Ze nam me weleens in haar armen uit mij bedje. Ze zij dan "je vader is ziek Japie, een zieke man, wat doet hij toch met je" Soms kreeg ik dagen geen eten, wat restjes bonen. Altijd maar bonen en zij die verhalen aanhoorden over Joden, vergassingen en hoe goed dat was, daar zat een kind en voelde en begreep de Joden. Zij hadden schalen vol eten. Maar vader en die buurman moeten elkaar in de oorlog al gekend hebben. Vader zijn andere persoonlijkheden hebben stiekum Joden in zijn woonomgeving aangeven. Die buurman was toen een medewerker van het Scholtenhuis, Daar moesten ze elkaar hebben leren kennen. Maar die buurman had vader vanwege zijn oorloggeheimen en verraad ook in de macht. Vader voelde dat kennelijk en ze moeten elkaar ook gechanteerd hebben. Omdat die buurman een tijd mijn ouder was zei vader ooit tegen me "als jij ook die sympathieën krijgt schop ik de tafel of stoel onder je vandaan als je weer opgehangen wordt met touw. Die buurjongen deed met mij meerdere keren. Ik herinner me dat Oma zei "we begrepen nooit hoe je vader kon reizen, hij moet een pasje hebben van die Moffen, hij reisde overal met de trein. Op een dag heeft hij Opa alles verteld en je Opa vergaf hem. Maar vader ging ergens gewoon door omdat Opa ook een zware pedofiel was. Hij werd misbruikt door zijn vader die onderduikers brood leverde omdat hij bakker was. Maar vader zette zo op zijn manier Opa betaald en verraadde die mensen die Opa hielp. Ik betrapte hem met met mijn zusje. Oma vertelde me ooit, dat Opa je vader wou toespreken. Hij was op zolder en kweekte daar honderden muizen. Hij zag zijn zoon die lachte satanisch en Opa ging bang voor hem weer naar beneden. Oma zei "Het was net alsof je Opa een duivel zag met allemaal muizen om zich heen" Ook vertelde Oma dat vader via de keuken bij oudere vrouwen naar binnen ging, Niemand begreep wat hij daar wilde of zocht. Hij nam soms dingen mee vertelde Oma. Vader zei me ooit "je moet dingen afnemen van mensen stiekem, dan heb je macht over hun" Ik vond dat als kind raar. Vader had een duistere kant, een zeer duistere, die het zocht in rare dingen, perversie, een stille man die je wou overheersen emotioneel en macht hebben. Moeder vertelde me als jongen eens bijna lyrisch en vol lof over haar zelf. "Ja, Japie, er was eens een maatschappelijk werker die praatte met je vader en zei "ik krijg geen hoogte van uw man, u man is eng, hij kijk je niet echt aan" Maar ja heeft die vrouw met mij gepraat of in vertrouwen genomen. Hebben die vele hulpverleners en ook arts van de GGZ me in vertrouwen genomen? Nee, niets deed men voor mij. Zusje belande op in dezelfde kliniek ook. Tja, dat is toch de hopeloosheid van toen in de psychiatrie ten voeten uit eigenlijk. Maar zusje hoorde van moeder dat vader dat deed omdat ik gek was en dat bij hem uitlokte en dat haar verdriet en pijn door mij kwam. Vader was of deed zo omdat ik gek was.

Tijdens die avonden waarop de mannen bij elkaar kwamen, heb ik nog andere herinneringen die de afgelopen week naar boven kwamen. Het is zo ongelofelijk en toch is het ergens waar. Ik herinner me dat op sommige avonden de mannen in een kring zaten en het midden was een soort kast o.i.d. waarop kettingen en gespen waren gemaakt. Sommige kinderen die daar waren werd op die avond door een man in het midden met allerlei marteltuig mishandeld terwijl het vastgebonden was. De mannen opperden wat die man in het midden met kind moest doen. Ik herinner me dat ik toe moest kijken hoe ze gemarteld werden, sommigen begonnen te huilen en schreeuwen van angst. Sommigen raakten bewusteloos. Dan zag ik hoe hun hoofd gebogen was met grote lege ogen. Ik durfde niet kijken en deed mijn handen voor ogen. Het was voor mij alsof de kamer voor mijn gevoel zwart was. Ik herinner me dat ik daar ook lag, vastgebonden en zie in mijn geestesoog hoe mijn handen en dus armen vastgeketend waren en ik naar die man wellicht vader moest kijken. Ik herinner me hoe sommige kinderen werden bedwelmt met een doek met een vloeistof als ze begonnen te gillen en te schreeuwen. Ik herinner me een beeld van een levenloos kind in de hoek van de kamer, toen die kerels weg waren en door iemand werd gezegd  "We moeten dat straks opruimen" Ik herinner me niet precies hoeveel kinderen er op die wijze gemarteld werden en daarna gedood maar het moeten er meer dan 5 geweest. De buurman had een auto en in de nacht werden ze weggebracht en wellicht ergens begraven. Als kleuter moest ik altijd toekijken en er zat een man naast die zei dat ik mijn handen van ogen moest doen. 

"je vader is een meester en ik bewonder zijn gave hoe hij het doet" Ik wist dat er niets over kon vertellen en wat er me zou gebeuren als ik het iemand vertelde. Het hele verhaal is zo absurd dat ik soms zelfs er aan twijfel. Toch is het net alsof iets in mij nog meer weet. De dagen dat het door me heen ging in gedachten kreeg ik na afloop koude rillingen over me lijf, moest soms diep huilen maar durfde niet echt. Toen ik toekeek was alsof alles onwerkelijk was en zwart voor mijn ogen. Ik herinner me ook dat een jongen huilend zei "ik zeg alles tegen mijn ouders" "Daarna zei die buurman "Wat moeten we met hem, hij gaat ons verraden, we houden hem hier" Na het schrijven kreeg ik opeens herinneringen aan dat ik een bed lag, met dezelfde herinneringen aan die bijeenkomsten en weer was ik kind vastgebonden, maar nu in de psychiatrie als kleuter en ik werd geshockt. Ik herinner me van het ziekenhuis, dat ik soms vocht om niet vastgebonden te worden. "Hij is helemaal psychotisch werd en dan gezegd" Verpleegkundigen snelden dan toe. Ik mocht als kind of kleuter ook helemaal niet zeggen waar ik aan dacht. Als ik in hun ogen maar weer normaal deed. Ik herinner me ook dat ik soms s'nachts schokkend, verward en schreeuwend wakker werd. Dan kwam er verpleging en werd ik in bed weggereden, naar een ruimte waar ik een insuline-shock kreeg. Vaak omdat ik me s'avonds niet veilig voelde en ik naar buiten wilde en soms ook deed of me ergens verstopte, hadden de zusters het door en werd ik in bed vastgebonden.

"De lijkenbergers"

Als de pedofiele mannen weg waren dan werden de kinderen die bedwelmt werden en levensloos in een hoek werden gelegd door de buurman en ik vermoed zijn zoon en soms ook vader stilletjes de trap s'nachts naar beneden gedragen, achter in de auto gelegd. Ik zag ze een keer een schep mee nemen. Waar ze werden gegraven weet ik niet.

Het moet in de buurt zijn van zo zei vader eens in een veld zijn. Ooit zei hij tegen mij "als je niet uit kijkt komt je daar, terwijl hij wees, naast te liggen" We liepen buiten en wees naar een plek. Ik hoorde een van de mannen zeggen op een avond 'wat moeten we met hem, hij verraad ons, hij gaat thuis alles verklappen'

"Bent u...."

Ik herinner me dat ik op een gegeven moment, naar het adres liep in de buurt, van een jongen die daar ook misbruikt werd. Het was alsof ik automatisch op zoek wilde en dingen wilde weten. Naïef als ik was belde ik aan. Ik vroeg bent u de vader van ....... Ik werd binnen gelaten en vertelde de man wat ik wist. Er werd me verteld dat hij zijn zoontje al een tijd miste en waar ik hem van kende. Ik durfde niet te zeggen wat er gebeurd was en vroeg waar ik woonde. We missen hem erg, wat het antwoord. Vader kreeg te horen waar ik was geweest en wat ik daar moest. Hij was erg boos en ging met me mee naar de man. Daar hing hij een verhaal op van bezorgde vader te zijn en dat ik soms in de war was.

Later buiten dreigde hij en vertelde dat ik als ik niet uitkeek. De man vond mijn vader erg aardig. Ik kreeg wat ranja en vader een borrel. Vader die opperde hoe de man verdriet moest hebben. Ik had het adres van de jongen onthouden en wilde het vertellen. Vertellen ook wat men met mij deed. Maar de jongen is volgens mij nooit gevonden. Als in een waas liep ik naar het adres. Het was zo onwerkelijk en ik hoopte dat het zou ophouden. Iemand moest me geloven. Ja nu weet ik het alhoewel iets in mij het moeilijk vind, maar de tekst komt zo uit me. Nee, de jongen is daar in het huis misbruikt en zeer waarschijnlijk vermoord. Nou ik het lees, denk ik wie geloofd me.

"Nachts voelde ik me buiten veilig"

Door de brievenbus van onze deur hing altijd een touwtje en als ik in bed lag luisterde ik gespannen naar geluiden. Als ik mijn ouders hoorde snurken en wist dat ze sliepen, sloop ik in mijn hempje en ondergoed de deur uit. Ook als het koud was. Buiten in het licht van de lantaarns speelde ik alleen. Soms tekende ik in het zand of de modder met een stokje gezichten van juf, de school. Dan praatte ik tegen haar en vertelde wat ze me deden en dat ik het niet wilde. Maar het voelde ook hopeloos. Soms liep ik de weg die ik kende naar de kleuterschool en keek soms door de ramen naar binnen. Ik wilde me daar verstoppen en ergens slapen.

Ik voelde dat ik niet naar huis wilde, voelde geen kou, keek soms naar huizen, zou er iemand zijn die me wou nemen als kind. Na afloop kroop ik stilletjes weer naar bed. Ik hoopte ooit voorgoed weg te kunnen lopen. Soms nam ik speelgoed mee en speelde daarmee alleen in het donker en de schemer. Het was dan rustig en niemand die me zag. Alleen met mezelf vertelde ik anderen in gedachten. Soms dacht ik na hoe ik het zou doen, gewoon weg lopen en nooit meer terug komen.Altijd gaf het me een vrij gevoel daar buiten, maar wist ook dat ik weer terug moest en dan werd ik heel erg somber.

"Hoe ik als kleuter moest vergeten"

Op een middag of ochtend liep ik naar beneden en onderweg zag ik de deur van het huis waar die geheime pedofielen me misbruikten en waar ik als kleuter in een hondenhok werd opgesloten en nachten pedofielen met hun leren outfit en geile behoeften hun pikken moest afzuigen en tot seksslaafje werd gedwongen. Toen ik op een gegeven moment tijdens de winter langs die deur weer liep, viel ik buiten in de sneeuw voorover in bewusteloosheid. In die tijd was misbruik en pikken afzuigen normaal voor mij. Zelfs zo dat ik me aangelijnd in dat hondenhok met mijn eigen poep in mijn gezicht bevuilde om te voorkomen dat ik weer pikken moest afzuigen. Ja, er was inderdaad een geheime sm-liefhebbers vergadering of bijeenkomst van seksueel gestoorden. Mijn vader voelde oppermacht en wou me ondergeschikt maken aan zijn lusten. Op een dag had hij mijn zusje bij de hand in de keuken en ze keek angstig naar mij, alsof ze wist wat er met aan zijn lusten. Op een dag had hij mijn zusje bij de hand in de

 keuken en ze keek angstig naar mij, alsof ze wist wat er met haar gebeurde. Die vrouw de vrouw van de benedenbuurman was ook met hem en ze vond mijn vader en zijn geile behoeften aan seks met sm en kinderen opwindend. Ze was ook degene waarvan ik hoorde hoe ze met de mannen overlegde om me te vermoorden. Ik was in de keuken en met mijn vader en ik opende zijn rits en zoog hem af in de hoop dat hij mijn zusje met rust wou laten. Die hele periode of dat sadistische misbruik is op een wijze zoals ik het me herinner iets wat ik zag en voelde dat het niet anders kom. Pikken afzuigen van geile politieagenten en artsen was iets wat zo was en hoorde. Ik was een ondergeschikte en willoze slachtoffer. Mijn vader had controle over sm-club en chanteerde die geile deelnemers op hun manier. Ik ben niet meer dan een pikkenafzuiger is wat nu denk. Het bewustzijn is er wel, maar het lijkt allemaal zo zwart. Het was een periode waarin het leek alsof ik geen wil meer had, alles ervaren vanuit willoosheid en een gevoel zo afgestompt, dat ik het ervaar alsof ik het niet ben of was.

Levend begraven

Op een avond in de keuken wordt ik door iemand opgepakt. "Houdt hem beet" Ik verzette me en ze bonden me vast. We gaan een ritje maken met de auto zei vader. In de straat op een avond werd ik achterin de kofferbak gelegd. Ik had iets om mijn mond. Ik hoorde in de auto dat iemand zei "pak jij de schep" Na een tijdje werd ik uit de auto getild. Ik werd in het maanlicht in het donker graf gelegd vastgebonden. Ik wist dat ik dood ging en ik legde me er bij neer. Ik wilde niet meer leven. Ik wilde zelf ook dood. De auto reed weg, wat ik nog kon horen. Even lag ik daar in het donker onder de aarde. Toen zag ik weer licht en vader tilde me er uit. In zijn armen lag ik nu. Hij zei huilend dat hij het nooit meer zou doen. Maar zo vaak deed hij dat als hij me bevrijde uit het hondenhok en ik haast dood was van uitputting en honger. Iedere keer had hij spijt, maar het hield nooit op.

Moeder die dan altijd zenuwziek werd en me het verweet door te dreigen zich op te hangen. Ook toen ik mijn vader en die buurman uit de gevangenis moest halen. Altijd zwoor ze zich op te hangen als ik niet ophield er mee. Die buurman zei toen op die avond daarvoor "jij ruimt hem maar op, door jou kom ik nog in de gevangenis" "We moeten hem opruimen" Maar later die avond dat ik het opschreef herinnerde ik me de rest. Toen hij zo huilend zei "ik zal het nooit meer doen" en ik vroeg waarom hij me zo pijn deed, zei hij "Je brengt me niet naar de gevangenis" Maar eerder zei hij "niets tegen mamma vertellen, dan hangt ze zich op en moet jij weer naar dat gesticht" Maar hij zei "Dan kom ik je voorgoed dood maken of vermoorden en ga je liggen tussen al die anderen die al dood zijn en begraven."

"De nacht dat men mij wou vermoorden"

Ik lag in de keuken volgens mij op een avond dat ik lag te slapen. Het gezin waar ik verbleef en dus sliep had in de keuken ook een flesje broom staan die ik kreeg. Dat was op advies van de psychiatrie en die arts. Maar die nacht lag ik te slapen. Ik herinnerde me toen ik in in bed lag en niet kon slapen en ik herinner me het net. Ik voelde dat ik dat ik iets in mijn mond gelepeld kreeg. Ik lag te slapen. Ik wilde het niet. Broom is een anti-psychoticum wat ik toen als kind moest slikken. Toen ik het me het herinnerde in bed, voelde ik het weer. Ik moest maar slikken en ze lepelde bijna een heel flesje in mijn mond. Ik moet die nacht gevochten hebben voor mijn leven. Ik hoorde nog ergens dat ze tegen mijn vader zei: "vanavond ben je van hem af" Ik vocht, vocht en zag op een geven moment niets meer, het was alsof mijn brein ophield, dood ging. Ik werd ook even blind alsof ik niets meer zag. Ze ging naar de slaapkamer van mijn vader. Ik zag ergens nog hoe hij gekeken naar mij moest hebben. "Morgen ben ik van dat gek kind af" Maar ik lag daar de hele avond, bidde en dacht aan God, ik mocht niet dood gaan,

ik wilde het niet.  Maar ik vocht die hele avond om niet het bewustzijn te verliezen. Toen ik het daarna vertelde tegen iemand, brak bij mij een stortvloed aan tranen los. Mijn brein en bewustzijn of wat ik zag was duisternis. Toen ik het me herinnerde lag ik in bed en het was alsof een Engel de Doods iemand waar ik toch ergens van hield me dood wou hebben. Het was alsof ik voelde hoe toen alle liefde in mij het opgaf. Ik vocht, vocht en vocht om niet dood te gaan. Vaag herinner hoe de twee stil en kalm naar bed gingen. Ze trokken de deur rustig dicht en wisten dat ik morgen dood zou zijn. Waarom moet ik dood, waarom doet men dat. Ze lepelde en lepelde maar, ze zei niets, was doodstil en ik herinner me de gezichtsuitdrukking niet, het stond bevroren en vastbesloten. Waarom wilde men mij dood hebben, waarom, ik kan er toch niets aan doen, waarom houdt men niet van mij. Een deel denkt nu, was ik toen ook maar dood gegaan.

"De martelende geile blik van vader en zijn geest van sadistische alterkinderen"

Ik herinner me niet veel, maar soms heb ik ineens beelden, ik wil het niet voelen of beseffen en toch. Ik was in die kamer en lag naakt op een soort meubel met gespen. Ik was vastgebonden en vader stond naast me. Mijn handen waren vastgebonden en ik keek weg. Ik keek naar een beeld van Christus. Het was een gelovig gezin. Vader wilde me pijn doen en zijn ogen stonden helder en nu ik weet geil. Ik herinner me zijn blik. Hij zei "kijk naar mij, jij bent mij, je bent van mij..." Ik zag dat hij iets in zijn handen handen een soort marteltuig. Ik voelde zoveel pijn en hij bleef me maar onderzoekend aankijkend. De mannen in de ruimte keken toe. Ze deden niets ze vonden het prachtig en waren onder de indruk. Vader had een mes in zijn handen, Hij deed zware tepelklemmen op  me en probeerde me te snijden. Ik lag daar als een willoze offer een geil genot voor hem. Ik zag in zijn ogen de indruk van al geestelijke alters, jongentjes sadistische.

Zijn blik in de ogen wisselden zo voelde en zag ik. De kamer leek donker wellicht omdat ik bijna het bewustzijn verloor. Maar is wist wat er met kinderen gebeurde die begonnen te huilen en te schreeuwen. Dan was er soms een arts die hun bedwelmde. Ik wist niet wat dood was, maar ik wist wel dat ze niet meer leefden. Hun geil genot van marteling en hoe vader me geestelijk bezweerde door te doen alsof zijn geest die van mij was. Ik herinner me soms zijn ogen, die stonden groot en waren helder en kil. Nu weet ik achteraf ook geil. Als hij me martelde was hij erg gecontentreerd en stil. Ik moest steeds naar hem kijken van hem en dat hij graag wilde dat zijn geest die van mij werd. Ik voelde onzettend veel pijn, op de grens van gekmakend. Dan zag ik het beeld van Christus weer. De pijn die ik voelde zag ik in het beeld. Daarna moet ik het bewustzijn hebben verloren. Toen dat gebeurde ging hij gewoon door met martelen.

"Jij bent van mij..."

Op een dag toen een van de mannen protesteerde wat men met mij deed en vader van die buurman hoorde ".. je bent ziek en gek", toen ik riep bel de politie of iets dergelijks, schopte hij hij me toen ik op vloer kroop weg van die mannen. Hij schopte me door de kamer heen en riep "jij bent van mij, ik doe met je

wat ik wil." De mannen gingen weg. Zo vaak vraag ik me af "waarom doodde je me niet gewoon, waarom niet zoals die andere jongen". Waarom moet ik met herinneringen rondlopen die of wel men niet kan of wil geloven en sommigen zo erg dat ik ook maar beter dood kan zijn.

"Herken je me nog"

Willoos gemaakt. Zo zag hij me het liefst. Vader mocht graag ook in contact mensen emotioneel willoos maken. Een stille man waar iedereen bang voor was. Toen hij me sloeg met zwepen ging hij net zo lang door totdat ik om genade vroeg. Maar ook dan stopte hij niet. Soms sloeg hij door totdat ik het bewustzijn verloor. Bij elke slag kwam hij geestelijk klaar. Maar de vrouw van de buurman hield van de zelfde perverse fantasieën als mijn vader. Die buurman was een oud-nazi die daar graag aan mee wilde werken. Hem ging het ook om het oude regime weer in ere te herstellen. Men overlegde zelf de burgemeester van toen te kidnappen en wellicht te ontvoeren. Ze liet zich ook graag domineren. Vader voelde zich dan een meester en was in stilte in alle staten als daar ook kinderen bij betrokken waren. Mannen van die club gaven hem dan geld. Liefhebbers wellicht in overheidsfuncties en in de zorg. Ik was een verdieping lager en een arts kwam naar buiten met zijn tas in de hand. Hij streelde me over het haar en vroeg herken je me nog. Ik vertrouwde hem niet en nu weet ik ergens waarom. Vaag kreeg ik een angstig gevoel of bewustzijn. De herinneringen aan dat hondenhok en de pedofielen die daar samenkwamen. Was hij daar ook bij? Vaag kreeg ik allerlei beelden ineens en angst. Pedofielen zijn hoe gek ook erg aardig voor kinderen. Ze zijn niet agressief maar, maar misbruiken je. Wat ze echt niet willen is dat het uit komt en die club overlegde ook met elkaar hoe ze dat moesten voorkomen. Dat netwerk wilde natuurlijk niet dat er iets naar buiten kwam en in die zin is het dus een soort samenzwering. Het was volgens mijn vader die mannen aanspoorde sex op een sm-manier met kinderen te hebben. Het wond hem op, want zo kon hij anderen domineren en misbruiken. Ik herinner dat me de oudere buurmeisje zei en toch ook niets ondernam "wat doen ze toch met je, je vader is ziek" Hij kreeg een stijve van naakte jongens. Maar misbruik alleen was hem niet genoeg, ook vernedering, onderdanig maken een seksslaafje zijn dat waren zijn fantasieën. Je moet je voorstellen dat in die tijd SM een gebeuren was, besloten en geheim. De liefhebbers kenden elkaar allemaal in de stad en zo ontstond daar in de huiskamer een club die graag mat vader en die vrouw wiens vaders fantasieën haar erg leuk leken allerlei plannen. Toen ze misbruiken werd ik weer aangelijnd in dat hondenhok opgesloten en dronken en rookten tevreden. Nachts namen ze afscheid, besproken de volgende meeting en ik lag daar te stuiptrekken van ellende. Hij kon sadistisch worden van een baby, Opeens de slaapkamer uitkomen en me grijpen in de box. Dan ging hij weer weg. Ze kwamen bijeen s'avonds, kleden zich om in pakjes stonden ze op een rij of kring met stijve pikken die ik moest afzuigen. Men dwong mij sperma door te slikken. Ze dresseerden me als een hond. Soms moest ik naakt in het midden staan en ritueel werd ik geslagen met zwepen. Dan werd ik weer in het hondenhok gedaan. Dan gingen ze bespreken hoe ook andere kinderen meegelokt konden worden. Soms kreeg ik geen eten, had honger en graaide dan wat pinda's. Als ze weg waren, lag ik daar in het hondenhok met de beelden en ervaringen. Soms bekeken ze samen een film achteraf. Ineens herinner ik het me.

"Goh, ja, er was een arts bij, die maakte zich zorgen om mijn gezondheid, hij was bang dat ik dood zou gaan." Maar vader zei, dat is beter dan. Dan schrok hij toen hij hoorde, wat vader werkelijk wilde. Mijn zoon is aan mij ondergeschikt, hij zal nooit een leven hebben, hij zal mij uiteindelijk dankbaar zijn. Zo zal hij genezen worden, want ik ben degene die alles bepaald. De arts keek hem en zei "Oh, maar wat als hij doodgaat dan zal men vragen stellen" "Ach niemand zal het te weten komen, ik weet wel wat ik moet zeggen, hij zal niet gevonden worden. We zullen zeggen dat hij weer eens is weglopen. De psychiater van het ziekenhuis, denkt ook dat mijn kind gek is. Maar dit zal hem genezen, zijn geest moet ondergeschikt worden. Toen reageerde de buurman en zei "als u dit verklapt hebt u geen werk meer" Mijn moeder die gewend was dat vader s'nachts werkte in de bakkerij, wist natuurlijk niet van die geheime sm club. Hij hoefde ook niet te werken, want die heren gaven hem geld. Wat daar allemaal gebeurd is is in mijn geheugen flarden. Maar het het gaat samenvallen. Niemand in de GGZ en zelfs de politie, laat staan de zeden, zullen geen woord geloven. Zo komt uit dat mijn vader gelijk had en moeder. Niemand geloofd wat hier gebeurd is en de GGZ zal denken net als toen dat ik maar gek ben. Zo valt alles samen. Mijn hele leven zo lijkt het leek slechts bedoelt het verhaal te vertellen. Ik vond niets. Maar ik ken als geen ander zo'n schimmige wereld waar de psychiaters het liefst deze wereld willen ontkrachten en ontkennen. Ze zullen me stoïcijns aanhoren en zwijgend denken "dit is te erg, deze man is geen mens, dat is zo onmenselijk, toen was het stil, de avond valt, een gek gaat slapen, alleen, met een stille gil van totale wanhoop die niet gevoeld mag worden. Ik draag voorgoed een kind in me die men wil opsluiten, was het in mezelf of op een gesloten afdeling, dan rolt weer de psychiatrie uit die niets maar dan ook niets van deze wereld snapt. Deze stille schreeuw van een kind in me. Een vader die mijn geest wou bezitten. Deze man zwaar gestoord, slim, geraffineerd en pervers kende ook de psychiatrie, want Oma vertelde ooit dat hij daar ook was als kind was. "je vader kwam op een dag thuis met verband op zijn hoofd, ze hebben hem geopereerd." Vader heeft gelijk. Het is de psychiatrie en soms ook de GGZ met medewerkers die soms zelf pedofiel zijn. Als mijn verhaal naar buiten zou treden, valt er een stilte een schok, maar niet de diepe bewondering voor een man die eigenlijk jaren voor niets heeft geleefd. De GGZ weet niets van deze wereld, ze minachten ons psychiatrisch en willen het allemaal binnenskamers houden. Want de GGZ zal nooit de ware omvang en de gevolgen naar buiten toe erkennen. Zij hebben een regulerende functie en staan in dienst van de overheid om de ware ellende te draineren. De top van GGZ instellingen weten het allang, wat ze doen is de omvang naar buiten toe verdraaien om wille van maatschappelijke rust en paniek voorkomen als blijkt voor de burger wat het werkelijke gezicht van de GGZ is. Dat is de wereld die niet de problemen die de samenleving veroorzaakt kan oplossen. Deze bewustwording wordt niet naar buiten gebracht. Ministerie, justitie, psychiaters willen niet dat ellende en hopeloosheid, geen antwoord hebben duidelijk wordt. Het is een fabriek die pretendeert de oplossing te hebben. 

Het verhoor van vader.

Ik herinner me dat ik in de keuken was, van het gezin beneden ons. Vader had een aantal foto's bij zich, die hij me liet zien. Ik herinner me een tamelijk stijve trouwfoto van hem en moeder en hij vroeg "wie is dat?" Ik antwoordde 'Je bent niet mijn vader.." Dan sloeg hij met zijn vuist in mijn gezicht, maar ik voelde zoveel haat dat het me deerde. Elke keer liet hij een foto zien en op een gegeven moment spuugde ik er naar, door te roepen "klootzak, je bent mijn vader niet.." Bij elk in zijn ogen verkeerd antwoord sloeg hij me. Op een gegeven moment hield hij zich niet meer in en sloeg me links en rechts met vuisten. Ik herinner dat hij zei: "ik sla je dood.." Mijn hoofd deed aan alle kanten zeer, maar ik huilde niet, nu nog niet en ik gun hem nu  niet hem dat plezier. 

Ik heb tijden gehad ik hem wou vermoorden en er zelfs gevangenisstraf voor over had. Ik bedacht plannen om hem vast te binden, te martelen en uiteindelijk hem te vermoorden. Maar eerst zou hij moeten bekennen. Vaak plannen tot in de detail uitgedacht. Nog steeds schaam ik me voor mijn verdriet, bang om weer vernederd te worden. Jongens, vooral de oudere generatie soms, werden vaak opgevoed met flink zijn en je bent een mietje als je je van iets aantrekt. Vaak vergeten en vooral mannelijke hulpverleners hoe hun eigen beeld over mannen zo is bepaald door hun eigen opvoeding en moraal van hun ouders. Want de waarheid is is dat bij trauma's of erge gebeurtenissen niemand een held is. Maar een wereld waarin mensen niet gekwetst worden bestaat niet.

"We moeten hem vermoorden..."

Op een avond werd ik wakker in het huis beneden ons. Ik liep in de schemering naar de woonkamer. Ik hoorde dat er mensen in de kamer waren. Ik moet gedroomd hebben. Ik wou de deur openen en moet de klink in mijn handen hebben gehad. Ik hoorde mensen praten en wilde weten waar ze het over hadden, dus voorzichtig opende ik de deur op een kier. Eventjes stond ik daar. Door de kieropening hoorde ik in eens een vrouw zeggen. "We moeten hem vermoorden, hij brengt ons allemaal naar de gevangenis." Ik hoorde iemand richting de deur lopen en het werd stil. Snel kroop ik weer in bed en deed alsof ik sliep, met de dekens over me. In het schemerdonker ging de slaapkamerdeur open. Ik hoorde in de gang iemand zeggen "heeft hij iets gehoord.." Ik herinner me niets van daarna. Maar wellicht komt dat nog. Zoals zo vaak als ik een herinnering heb, voel ik er eerst niets bij. Ik zie als een gegeven en begrijp nu waarom ik jaren als een graf gezwegen heb.

Daar komt bij dat ik haast wel zeker weet dat er weinig of geen hulpverleners die dit verhaal geloven. Ik moet angstig in bed hebben gelegen, angst dat men doorhad dat ik had gehoord wat ze plan waren. Een andere flard van herinnering is wel dat ik als kleuter samen in het huis van de benedenbuurman was, met vader. Men hield een jongen vast die op de grond lag. Hij wilde het tegen zijn ouders zeggen, die buurman had hem bij zijn armen vast. Vader gaf me een mes. Hij zei tegen me "nou wil je soms.." Boos pakte toen de buurman het mes af en sneed de keel open van die jongen. De buurman zei "nou moeten we hem ergens dumpen of begraven, doe jij dat..? Ik weet of geloof het ergens niet, dat het zo gegaan is en toch zoals zo vaak komt het uit. Ik heb de politie hier verzocht te kijken of er ergens in 1962-63 kinderen spoorloos zijn verdwenen maar men doet er niets mee. Kennelijk gelooft men er niet veel in. Het is ook een flard die zomaar bij me opkomt.

"Oh ben je weer gek.."

Ik werd meegenomen naar het huis van de benedenburen door de oudere buurjongen. Daar zag ik zijn vader en hij stamelde ineens huilend "ik moet ook altijd vriendjes voor je meenemen.." In de slaapkamer werd ik uitgekleed en op een groot bed naakt aan mijn handen vastgebonden aan het bed. De vrouw van hem was ook naakt en had me uitgekleed. Vader had een raar lederen sm-pak aan, was naakt en ook de buurman. Ik zag hoe de oudere buurjongen door vader van achteren anaal werd verkracht. Toen werd het meisje in haar lange pyjama naar binnen gebracht. Ze was lijkbleek en zei niets. De verkrachte buurjongen kreeg een mes in zijn handen en moest in opdracht van zijn vader zijn dochter en mij er mij dreigen. Het meisje werd gesneden aan haar armen.

Wild zwaaide hij het mes om zich heen. Ik werd aan mijn voeten naar het voeteneind getrokken en daarna werd ik bewusteloos. Ik herinner me nog de stank van alcohol. Daarna werd ik weer aangekleed en naar buiten gestuurd. Ik zag vader naakt met een stijve in zijn lederen sm-outfit. Samen met die buurman leunende tegen het voeteneind. Ze lachten. Ik liep naar boven in shock, huilend en het urine stroomde langs mijn broekspijpen. Bij de deur zakte ik op de grond in elkaar. Moeder deed open en toen ze me hoorde zei ze "oh ben je weer gek" "Gauw naar je kamer, vader weet wel raad met je, je krijgt geen eten." De dagen er na, had ik pijn aan mijn anus en kon niet poepen. Moeder was boos en zei "je gaat niet meer op de pot" Er zat bloed aan mijn poep. De dagen er na mocht ik niet naar de kleuterschool.

"Ik vertel het tegen papa"

Zusje begon te vragen, waarom mamma ineens weg was. Broerje vroeg "moeten we naar een tehuis, het is allemaal jouw schuld". Ik zocht in de keuken naar boterhammen. Op een middag vroeg mijn zusje wat er met me was. Waarom doe je zo? Ik vertelde dat pappa aan me zat. Ze schrok en ik wist dat pappa het ook met haar deed. Ze huilde en werd boos. "Mamma zegt dat komt omdat je gek bent. Daarom doet pappa zo. Jij doet dat, dat zegt mamma ook. Ik ga het tegen pappa vertellen, wat jij doet". Maar zusje was de lieveling van vader en moeder. Maar zusje werd ook meegenomen naar hun slaapkamer. Toen zag ik ineens een bloedvlek in de lakens. Moeder stuurde me weg. Zusje die later slaapwandelend later lakens ergens neerlegde. Die later net als ik sociale fobieën had, een broer die al jong aan harddrugs zat. Zo verweten we elkaars verdriet en geheimen. Maar niemand in het gezin, nog mijn broer of zus steunden elkaar. De GGZ zal het verhaal van zusje ergers vinden en meer aanvoelen.Zo ontstond een sfeer van geheimhouding. Maar ik moest me aanpassen, overleven, ik had geen andere keuze. De GGZ is naïef en zal als ons gezin toen en in deze tijd net zo benaderden als toen. Vader zal gelijk krijgen  - niemand zal geloven wat hier is gebeurd - en moeder - je bent gek - ook. Ik geloof geen moer van de kennis van Jeugdzorg. Het falen van de GGZ is de rode draad in mijn verhaal. Op een dag vertelde moeder ik ga weg, pappa moet naar voor jullie zorgen. Ze liep het huis uit. Vader ging toen weg. We waren alleen met ons drieën. Ik dacht zo "nu ben ik veilig" Broertje was bang met zijn duim in de mond. "Jij hoort in een gesticht", dat zegt mamma ook. (broertje kreeg uiteindelijk gelijk) Vroeger lag de aandacht bij misbruik vooral bij meisjes. Ik herinner me nog een wetenschappelijk verslag van Nel Draaier in de jaren '80. Sommige vrouwen begrijpelijk door misbruik wantrouwden mannen. Dus wilden deze dames onze club misbruikte mannen niet gewillig opnemen. Toen jongens uit de school klapten over misbruik van de kerk, net als gezinnen, omringt met verhullen en chronische machteloosheid van slachtoffers ging het licht op in de GGZ. 

Maar jongens worden al gauw beschouwd met name hoe mannen hun machteloosheid uiten als potentiële daders en anti-socialen gezien. Men heeft te lang gedacht wat voor vrouwen geld geld ook voor mannen in deze hulpverleningswereld en als je later psychotisch wordt mag je blij zijn met wat EMDR behandelingen. Psychosen als gevolg is een zo'n biologisch en veelal genetisch denken in oorzaak en methode van behandelen  nog, dat het nog decennia gaat duren aleer men het aandurft hun verhaal te behandelen. Het is meer nog dan DIS behandeling - omringt met soms triviaal denken of een ingebeelde stoornis te zijn - met onwetendheid en vanuit zorg en voorzichtigheid geen antwoord voorlopig te hebben. De GGZ zal behandelmethoden afwachten en met name kijken hoe andere landen dat oplossen. Dat doet men omdat men bang is dat de cliënt achteruit zal gaan. Als student psychologie wordt me soms onterecht verweten dat ik het zelfde denk als de GGZ die hun niet helpt. Maar wat ik aan literatuur vindt over psychosen en werkelijk diepgaande behandeling, wel mensen die is er niet. Nog erger zijn autisten die misbruikt zijn, daarover zijn wereldwijd maar een paar documenten. Ik weet intuïtief en ook academisch dat men geen antwoord heeft op mijn verhaal. Ik weet het zelf. Met mijn verstand, kennis, intuïtie ga ik zelf oplossen wat de GGZ uit de weg gaat.  Ik ga deze vruchteloze frustratie niet meer aan. Echte kennis is altijd open willen staan en niet slechts onderzoeken en feiten verzamelen. Daarom zeg ik u ik ben meer dan slechts een ervaringsdeskundige, niet omdat ik denk slimmer te zijn. maar ik ken beide werelden. Ik heb zoveel beschouwd en doorgedacht over waarom men nog niet echt weet waarom therapie werkt. Ik kan de vinger academisch op de zere wond leggen. De wond van "niet weten hoe en geen emotioneel antwoord hebben op persoonlijke ellende."

Op de volwassenafdeling van de psychiatrie

Als kleuter werd ik onterecht gediagnosticeerd als schizofreen, wellicht omdat ze mijn uitingen wat ik aan ellende en trauma's uitkraamde dachten dat het een kind was die buiten de werkelijkheid leefde. Ik hoorde haar nog in die spreekkamer zeggen "Uw zoon is ernstig ziek, als we hier niet behandelen moet hij zijn hele leven opgenomen worden." Uiteindelijk kwam ik daar als kind in een groot bed. Veilig was ik wel, maar met grinnikende en verwarde schizofrenen vastgebonden in hun lakens of met riemen. Grote lange witte gordijnen. Die zelfde middag werd ik in bed meegenomen en vol bewustzijn geshockt wat toen regelmatig gebeurde. Vaak kroop ik stiekem uit bed en verstopte me dan. "Hebben jullie Japie ook gezien?" Af en toe

kwam de arts met een licht langs na het shocken en scheen in mijn ogen. In bed zag ik in mijn fantasie een engel en licht, ik wilde hoop en liefde. Zo zo zei de zuster, volgens mij heb je weer een behandeling nodig, ik zal de arts vertellen wat je vertelde. Vaak verbleef ik s'nachts op de wc op mijn hurken in nachthempje. Soms kroop ik de lange gang op en wist dat de nachtzuster me niet mocht zien. Dan voelde ik me vrij in het nachtlicht door de ramen. ik kreeg broom een vies goedje met een lepel elke dag. Soms als ze met niet vonden op bed, werd ik de volgende dag weer geshockt. Ook toen ze dat door hadden bonden ze me vast op bed. Strak onder leren riemen met handen en voeten.

Weer in het ziekenhuis

Ik was in het huis bij de benedenburen op een avond. Vader was er en die buurman en buurvrouw. Ze pakten me beet. De vrouw zei "heb ik geen lekker kutje, Hitler?" Ze lachte me uit. Hij is weer eens gek zei de buurman. Hou hem beet. Ik pak wel een mes, wat pijn zal hem genezen. Dan zal hij wel ophouden. Ik ben het wel gewend mensen te dwingen zei hij. Ik werd met een mes diep gesneden en geslagen. Hou je eens op met die onzin. Maar die man begon nog harder te snijden. Toen viel ik flauw. "Oh hij gaat dood, hij bloed dood"  Ze pakte me op bewusteloos en met de auto werd ik naar het ziekenhuis gebracht.

Daar in bed vroeg de arts "hoe komt hij aan die ernstige verwondingen?" "Dat doet hij zich zelf aan, hij is schizofreen." Vader en moeder kwam later waren er ook. Moeder keek boos. Altijd moet ik met jouw naar het ziekenhuis. Toen nam de buurman de arts apart. Ik moet even met u praten. Ziet u als u er werk van maakt, ik bied u geld aan. Ik ken u nog weet u wel of zoiets. Later kwamen ze terug. We kunnen naar huis zei de buurman, het is geregeld.

Bijna dood

Ik lag als kleuter in een ziekenhuis. Oma was er en ze zat aan mijn bed te bidden. Dat merkte ik toen ik bij kwam. De arts kwam langs en zei "oh hij lag een tijd in coma, gelukkig is hij nu bij kennis" en vroeg "hoe komt dat kind zo mager, hij was bijna dood geweest, wat doet men toch men hem" Äch, ziet u dokter hij is schizofreen, we maken ons zo zorgen" "Maar de

arts geloofde dat niet echt. "Krijgt hij wel voldoende te eten?" Het komt omdat hij schizofreen is, zei Oma. Toen voedde Oma mij met meegebrachte kippensoep. Je moet blijven leven jongen, je moeder en vader houden erg van je, je moet niet meer gek doen, anders moet je weer naar de kliniek.

De geheime jongensfoto's van vader

Ik wist ergens nooit wat hij deed of wanneer hij weer anders was.  Ik was als jongen in het huis van Oma op zolder aan het spelen. Ik was nieuwsgierig naar een kamer en keek er rond. Ik vond een doosje van metaal en zag er bruin kleurige foto's van een jongen. Achterop de vier foto's stonden in verschillende handschriften vier verschillende namen. Ik zag een jongen in broek met bretels. Ik liet de foto's aan Oma zien en vroeg wie dat was. Dat is je vader zei ze. Vader hoorde van Oma en was heel boos. Hoe kom je aan die foto's en sloeg me in het gezicht. Vader kon vaak een andere gezichtsuitdrukking krijgen of andere stem. Hij zei toen "kijk Japie jouw herinneringen zijn die van mij en ik ben jou" "Kijk maar in mijn ogen" Ik rukte me los en de buurman en vader lachten gemeen. Op een andere dag bij Oma was hij in de gang en vroeg "wat zie je in mijn ogen?"

Ik zei een gloed'. Ja zei hij dat is de duivel die macht over je heeft. Hij weet precies wat je doet en waar je bent. Maar Oma vertelde me ook andere verhalen over onder andere de oorlogswinter en hoe ze toen moest leven. Ik was nieuwsgierig. Ze vertelde dat op een middag in winter 44 een SS'er aan de deur kwam met worst en meerdere dingen. "Wat mot die vuile mof hier", zei Oma tegen mij. Die officier vertelde in het Duits we zijn uw zoon zeer dankbaar. Oma zei "maar zo heet je vader helemaal niet" Ook herinner ik me dat ik Duitse medailles vond met een geel-zwarte lint. Vader liet me als kind in zijn oude woonomgeving adressen aanwijzen, waar joden werden opgepakt. Hij zei "ik zag iedere keer, dat ze werden opgehaald" Niemand weet in de buurt wie ze verraden heeft. Maar het waren allemaal adressen rondom zijn ouderlijk huis.

De marteling

Ik was als wat oudere jongen in de woning op een avond bij de benedenburen. Ze pakte me beet en brachten me naar wasruimte. Daar deden ze mijn broek uit. De oudere zoon en de buurman bonden mijn handen vast. Ze lieten water over me stromen. Er stond een autoaccu in de ruimte. Zet hem onder stroom vader de gek, zei hij opgewonden. Ik werd daar geshockt en trapte en huilde. Zet hem onder stroom de idioot. De vonken en stroomstoten maakten me verlamd. Toen verloor ik het bewustzijn.

Ze legden me nat in een plastiek. "Wat doen we met hem, zou hij dood zijn?", hoorde ik vaag. Roep zijn vader maar hij zal niets meer vertellen. Die moet maar zien wat ie met hem doet. Vader kwam eraan en zag me liggen, naakt. "Wat heb je met hem gedaan, klootzak" Hij tilde me op. De buurman zei "onthoudt goed, dat als ik in de gevangenis beland zal ik een boekje over jou open doen, viezerik. Ik hoorde vader bang worden. "Kom Japie, ik breng je naar het ziekenhuis" Maar in het ziekenhuis, weer we weten niet waarom ie dat doet.

De zenuwinstorting van moeder

Op een zondag was ik wakker geworden of kwam van buiten. Moeder zat in een schommelstoel, afwezig met leek een ander gezicht of uitdrukking. Ze lachte wat hardop en keek me gemeen aan. Toen lachte ze weer en zei "jij wordt mij dood nog eens, je maakt je moeder gek." Toen kwam vader uit de slaapkamer en deed lief tegen haar. "Zie je wel wat je je moeder aan doet, jij moet weer naar het gesticht" Vader keek me glimlachend aan. Ik voelde hun leugens en moeder leek een andere vrouw. "Ga jij maar weg, ik wil je niet meer in huis" Verdrietig en wanhopig liep ik het huis uit.

Wilde niet meer terug. Verloren was ik en in de war en bang voor mensen om me heen. Ik ben toen einden gaan lopen. Kwam iemand tegen die me in huis nam. Daar vertelde ik dingen. De man was aardig. Ik mocht daar blijven, zei dat ik niet wist waar ik woonde. Vader vond me en haalde me op dagen later. Weer vertelde hij dat ik kennelijk gek was of zoiets en dat hij bezorgt was. Thuis gekomen zei hij zoiets "Ik vermoord je als dat nog weer doet" Toen moet ik wellicht weer in de psychiatrie zijn beland. Weer geshockt. Moeder die geklaagd had samen met vader. Ze maakten zich zorgen.

"De spijker"

Op een ochtend werd ik wakker van een nachtmerrie. Ik sloop als kind het huis uit, omdat ik me niet veilig voelde en wilde weglopen. Meestal zorgde ik ervoor dat ik huis weer in kon door het touwtje door de brievenbus te doen. Met verslagenheid moest ik vaak weer terug. Maar die dag moest ik een ruitje breken om er weer in te kunnen. Moeder die achterdochtig was melde de glasscherven bij vader. Die ochtend, ik was nog in mijn ondergoed, riep vader me. Hij bond mijn handen vast aan een metalen raamwerk. Daarna sloeg mij met een zweep om mijn rug. Ik raakte bewusteloos. Ik hoorde hoe hij sadistischer werd, iedere keer als hij me sloeg. Daarna kwam liep hij weg en had een plank meegenomen met een hamer.

Die bond hij vast en sloeg een spijker door mijn linkerhand vast aan de plank. Boos riep hij: "jij zal sterven als Jezus, een lamlul aan een kruis.." Weer sloeg hij. Half bewusteloos wilde hij ook de rechterhand vastspijkeren. Toen kwam moeder die precies wist wat er gebeurde ineens in de kamer. Vader liep boos en gefrustreerd weg. Moeder maakte me los. Ik viel achterover van de intense pijn op mijn rug. Ze belde een arts. Die kwam langs en verbond mijn hand. De arts stelde vragen. Moeder liep naar keuken en kwam terug en bood hem geld aan. Boos liep de arts weg en zei "als die weer gebeurd moet ik er melding van maken bij de politie" Maar daarna niets meer van gehoord. Ik herinner me dat hij toch ergens het geld accepteerde of weggriste.

"Kom hier..."

Als puber had ik eens ruzie met mijn broer, die mijn ouders ervan inlichtte. Ik was op mijn slaapkamer en vader opende ineens de deur. Hij wees met zijn vingers om naar hem toe te komen. Toen sloeg hij me met de opmerking "denk je iets in te brengen en wie is hier de baas." Weer sloeg hij mij in mijn gezicht met zijn vuist. Uiteindelijk kroop ik onder bed van angst en hij zei "Kom hier.." Weer sloeg hij me met vuisten. Ik durfde niets meer te doen of te zeggen. "Je moet niet denken dat je iets voorstelt", zei hij. Toen ik onder bed lag en wegkroop, schopte hij me. Ik herinner me dat hij net zolang sloeg, totdat hij het gevoel had dat ik niets meer durfde.

Als een van ons, mijn broertje en zusje iets gedaan hadden, dan dwong hij op te stellen tegen de muur. We moesten dan zolang blijven staan tegen de muur zonder eten en zonder te bewegen, totdat in zijn ogen de dader zich verraadde. Uiteindelijk gaf iemand van ons het op en vertelde het. Vaak was ik omdat ik de oudste was weer het doelwit. Ik herinner hoe we tegen de muur stonden en hij voorover gebogen met dreigende toon zei "iemand van jullie zal gaan beven..."

De vriendelijke leraar

Nadat ik zo in de war was in de winter en ik die dag een CITO toets had, was ik in gedachten omdat het winter was met mijn herinneringen aan de trauma's van mijn kleutertijd. Ik begreep de vragen niet en deed mijn best. De uitslag was een paar dagen later. Ik had een IQ van 60 bleek. Te slecht zelfs voor bijzonder onderwijs. De leraar zei "hij zal nooit zelfstandig kunnen zijn en werken" Maar het hoofd besloot in overleg me toch naar de MAVO te sturen. Op een andere dag later op de lagere school als ik een vraag wilde stellen zei een docent "Japie is te dom om een vraag te stellen en de hele klas lachte. "Gekke Japie, gekke Japie" en de leraar lachte. Dat werd zo vaak gezegd dat ik maar niet meer probeerde. Tijdens de eerste klas van de lagere school moest ik vaak opeens huilen. Ik dissocieerde soms zo sterk, dat ik niet wist maar mijn jas hing of vergat waar de juf het over had. Dan riepen de leerlingen gekke Japie, gekke Japie. Kinderen voelden aan dat er wat me was en eentje schopte me de lange houten trap af.

Iedereen genoot daarvan. Leraren vonden mij verward en moesten vaak lachen daarom, vernederend was dat. Maar op de MAVO ging ik me interesseren voor scheikunde en biologie en haalde een examencijfer van een tien op scheikunde. Een negen voor biologie. Leraren dachten altijd als ik een negen scoorde, dat ik afgekeken had. School was door het gepest ook overleven. Sommige docenten waren echte klootzakken. Maar merkte op de HAVO al gauw dat ik goed in Engels was. Ik haalde een acht. Maar op de MAVO zag ik hoe sommige meisjes me met een schaamtevolle en voor mij zeer duidelijke blik aankeken als ze uit zijn kantoor kwam. Ik hoorde dat die leraar zich later had opgehangen. Heel veel geheimen rondom hem, hij bleek geschorst te zijn, maar dat meisje had voor mij zo'n duidelijke blik die ik maar al te goed herkende. Gadverdamme als ik me goed herinner waren op mijn scholen soms ook pedofielen aan het werk.

De rol van mijn vader.

Ik heb me volledig van hem gedistantieerd, zowel emotioneel als in letterlijke zin. Ik weet ergens hoe oud hij ook is dat hij zijn neigingen nog steeds heeft. Ik was de oudste en ik weet ergens dat mijn broer en zus ook door hem misbruikt werden, maar we vertelden elkaar dat niet. Vader had problemen met drank en vaak speelde dat een rol bij het misbruik. Ik heb als kind emotioneel mijn vader nooit echt als vader vrij jong gezien. Ik voelde als peuter al dat hij een rare blik of belangstelling had. Ik vermoed dat hij zijn pedofiele neigingen nooit echt kon onderdrukken en alhoewel hij soms medelijden toonde, ging hij gewoon door met misbruiken. Het werd alleen maar erger. Niet alleen misbruiken of mishandelen, maar ook vernederen en me zien als iemand die toch niet al te intelligent is. Wellicht kon hij niet uitstaan, dat ik slimmer was of ben dan hem. In zijn ogen kon ik het nooit goed doen. Mijn vader wist dat mijn moeder toch dacht ik dat kind is gek en dus zag hij dat als een weg om zijn gang te kunnen gaan. "Mijn vrouw gelooft hem toch niet", was het antwoord op de vraag "zal hij het iemand vertellen?"

Vader beloofde me veel, maar kwam het nooit na. Hij ging in zekere zin altijd zijn eigen gang. Hij bekommerde zich überhaupt niet om zijn vrouw, nog om zijn kinderen. Vreemd gaan met andere vrouwen deed hij al vroeg, om mij daarin met misbruik te betrekken. Er op los slaan en vernederen was zijn manier van opvoeden. Iemand vernederen was zijn antwoord op leren luisteren. Vader mocht graag contact hebben met jongens, ook als SRV-man. Op een dag hoorde ik dat deze jongen in het kanaal was beland en dus dood. Vader vertelde dat de jongen onder de wagen was gekomen. Maar de wagen had slechts een tientallen centimeter ruimte boven de grond. Maar als kind wist ik dat hij graag jongens misbruikte en die jongen had een blik in zijn ogen die ik maar al te goed kende. Stel dat die jongen iets wou zeggen tegen zijn ouders en vader wilde dat niet. Hij zou alles doen om zijn eer te redden. Dus ergens geloof ik niet dat een ongeluk was.

De rol van mijn moeder; "chantage, verraad en straf"

In plaats van het gedrag van haar zoon te zien, als een gevolg van haar misbruikende en molesterende man, naar mijn mening voor haar een makkelijke manier om haar eigen angst voor hem te vermijden en zijn agressief en dronken gedrag, beschuldigde ze mij. Ze was ervan overtuigd dat net als vele andere bekenden toen dat ik gek was. Ik herinner me een bezoek aan een plaatselijke psychiatrische inrichting waar ik moest antwoorden op een aantal Rorschach plaatjes. In die tijd een gebruikelijke werkwijze voor artsen om tot een ​​diagnose te komen. Ik antwoordde zoiets als "bloed, oorlog, messen en ga zo maar door." Ik kan het me het niet goed meer herinneren, maar ik liet zien dat ik bang was, verward en ik moest huilen. Ik herinner me dat de arts tegen me zei: "wacht even in de gang, ik moet even met je moeder praten." Toen hoorde ik "uw zoon is ernstig ziek, hij moet behandeld worden, hij is schizofreen." "We willen hem graag opnemen." "Als u hem niet laat opnemen, zal zijn ziekte alleen maar erger worden en moet hij voor de rest van zijn leven opgenomen worden, ik kan een keer bij u thuis langs komen, hoe u hem thuis moet behandelen." Mijn moeder natuurlijk besprak nooit het misbruik met haar. In plaats daarvan klaagde ze over mijn moeilijk gedrag en dat ze alles deed om een ​​goede moeder te zijn, maar dat ik een ondankbare en eigenzinnige jongen was die alles doet om haar leven moeilijk te maken. Ze heeft nooit gezegd dat ze zelf dreigde, dat als ik ooit weer zou hebben over het misbruik, mijn vader naar de gevangenis moest. Ze heeft nooit gezegd wat ze deed - de hele dag opsluiten in een kast - als ik protesteerde. Maar in plaats daarvan zoals ze zo vaak deed, beschuldigd ze haar eigen zoon, die later een man/ vrouw incestueuze relatie ontwikkelde met mij. Een ​​verantwoordelijke moeder wat ze nooit was. In feite weet ik zeker dat mijn vader iedereen in het gezin misbruikte, niet te vergeten de vele andere kinderen in de buurt. Wat de reden was dat mijn moeder het opnam voor haar pedofiele man en mij als aanleiding zag voor zijn behoeften begrijp ik nog steeds niet. Dreigen met de gevolgen kon ze wel, ook toen ik haar misbruik aan de kaak stelde. Ze zou iedereen tegen me opzetten en mij het leven zuur maken op haar manier. Maar hoe kan een persoon die willens en wetens kwaad doet en het recht voelt om wraak te nemen op wat er feitelijk gebeurde rechtvaardigen. 

Een goede verklaring zou kunnen zijn dat mijn moeder een narcistische persoonlijkheid had of heeft. Ze vond mij een pervers kind, een vies jongetje die deze neigingen bij vader uitlokte, die moest leren te gehoorzamen naar haar wil en vooral voldoen aan haar ego. Dat deed ze door me op te sluiten, voedsel te weigeren en tevreden te glimlachen als ik maar ophield te refereren aan het misbruik wat ik niet wilde. Ik vermoed soms dat ze mijn vader met zijn pedofilie en sekswensen zelfs opwindend vond. Dat ontkennen en straffen van wat ik meemaakte en wie ik was is zo'n verwoestende invloed geweest. Hoe kan een mens zo iets ontkennen en het kind daarom in alles verwensen. Naast misbruikt zijn is mijn persoon daarom ook in alles ontkend. Ik denk niet dat er hulpverleners die een idee hebben hoe een narcist je uiteindelijk kapot kan maken of iemand die er alles voor over heeft om zijn/ haar eigen leugen te verdedigen en feiten met wraak te beantwoorden. Zij had eigenlijk nog een groter aandeel in het doorgaan van het misbruik. Met een soort achterdocht hield ze in de gaten wat ik deed, wat ik tekende, wie ik mee naar huis nam etc. Ik kan stellen dat dankzij mijn moeder mijn pedofiele vader vrij spel had. Daarom kan ik me zo goed voorstellen dat er veel vrouwelijke slachtoffers zijn die meer boos op hun moeder zijn die het misbruik van vader maar gewoon lieten bestaan. Maar deze wereld van misbruik en alle mechanismen worden door medewerkers in de GGZ helaas nog niet ten volle begrepen. Ik verwacht niet  veel van het begrip van de GGZ en misschien moet er eens een psychiater naar voren treden die zelf iets traumatisch heeft meegemaakt om met deze onwetende wereld op haar manier af te rekenen. Eerlijk gezegd vindt ik  hulpverleners tamelijk naïef en ik heb veel onzin moeten aanhoren, hoe goed bedoelt ook. Ik vind ze naïef, omdat men veelal eerder op zijn/ haar eigen gedachten of conclusies afgaat hoe het zou moeten zijn, een wereld van ervaringen die men het liefst vermijd omdat het over pijn, machteloosheid en geweld gaat. Een wereld die professionals beredeneren en trachten in te voelen. Een wereld van ervaringen die kunnen leiden tot allerlei problemen. Maar het wordt tijd, hoogtijd dat professionals deze wereld, deze verzwegen wereld gaan inzien, niet uit medelijden of neiging het onder te brengen onder een ziekte, maar uit respect.

Het zoemende apparaat wordt thuis gebracht

Op een dag belt iemand thuis bij ons aan. Het is een vrouw. "Mag ik je moeder even spreken?" In de keuken hoor ik hun praten. Daar hoor ik hoe moeder uitlegt krijgt over dat afschuwelijke zoemende apparaat. Ik hoor haar nog zeggen tegen moeder: "Mevrouw u moet hem af en toe hier mee behandelen, anders wordt hij niet beter." "Ik geef u ook wat medicijnen die hij moet innemen. Ik noemde dat als kleuter "broomium", vies goedje die ik moest slikken. Na afloop vroeg de aardige vrouw:  "Hoe gaat het nu met je, je moet doen wat je moeder van je vraagt, anders wordt je niet beter."
Ik heb een herinnering waar ik in een bedje lig in de keuken en hoe ik vastgebonden werd geshockt. Vader kreeg op een gegeven moment door dat ik dingen begon te vergeten en ik weet niet meer in welke keuken of kamer ik lag, maar het was op een avond, hij haalde boos het matrasje weg en zei: "zo stroom is goed voor jou!" Op het metalen spiraal lag ik naakt vastgebonden en hij draaide de knop flink om. 

Dronken ging hij weer weg. Moeder vond me later bewusteloos. Vaag weet ik dat vader het begon te passen als straf en me te laten vergeten. Zo werd ik vaak na nachtelijk misbruik gebruik gemaakt van het apparaat om mij te doen vergeten.
Ik moet een gegeven moment naar het ziekenhuis zijn gebracht, waardoor de arts weer langs kwam en het apparaat weer mee nam. Ze klonk boos op mijn moeder. "Als u er niet mee weet om te gaan, moet ik het weer in beslag nemen."
Ik herinner me ook dat ik vastgebonden dacht om het snoer los te trekken of kapot te maken. Ik herinner me ook hoe mijn zusje vroeg "wat is er met hem, wat is dat voor apparaat."
Men heeft mij zo vaak mishandeld met dat apparaat dat ik soms niet meer wist hoe ik heette en wat er dagen ervoor was gebeurd. Zo voelde mijn hoofdje vaak aan als een blok beton. Zo heb ik herinneringen dat ik met moeder loop, mensen en bekenden zie zonder te weten wie ze zijn. Alsof ik een wezenloos omhulsel ben en mensen zie als etalagepoppen, zonder ziel.

Mijn man is een koekenbakker

Op een dag komt de arts van de kliniek weer langs en moeder stuurt me weg. Maar ze weet niet dat ik haar ergens ook niet vertrouw, dus ik sluip stilletjes naar de keukendeur en hoor ze daar praten. Ik hoor het gesprek en de arts vragen: "hoe komt uw zoon bij oorlog en die afschuwelijke verhalen, is uw man militair?" Moeder lacht ergens en ze antwoord "nee, mijn man is koekenbakker." "Hij werkt s'avonds in een broodfabriek." Dan hoor ik de term schizofreen vallen. Ik begreep alleen dat je dan wel gek moest zijn.

Dan hoor ik dat ze afscheid wil nemen en ik loop snel weer naar mijn kamer. Maar moeder verteld niet, waar ik een tijd was, het andere gezin, slechts een verdieping lager, waar vader en die buurman hun perverse spelletjes deden met mij. Moeder die me altijd me in de gaten hield, wat ik tekende en wat ik deed. Vader kon in die zin, ongehinderd zijn gang blijven gaan, want zij voorkwam wel dat anderen het konden weten.

Hoe komt dat kind aan zijn verwondingen

Ik was lange tijd vergeten dat ik als kleuter regelmatig opgenomen werd in een plaatselijke ziekenhuis. Vergeten is wat je als kind en dus slachtoffer het enigste is wat je kan doen, om verder te kunnen. Want alhoewel buren en in mijn geval politie, oppas, artsen, maatschappelijk werk een idee hadden, deed men niets. Natuurlijk gaf ik aan als kleuter dat vader aan me zat en wat hij deed. In sommige gevallen als ik het kenbaar maakte, had het alleen als resultaat dat het misbruik erger werd of dat ik behoorlijk werd mishandeld. Zo vaak is me de hoop de grond in geboord. Maar ik had een moeder die dacht dat het door mijn "gekte" kwam, iets wat zoals vader tegen zijn medepleger zei "niemand zal geloven wat wij hebben gedaan, want mijn vrouw denkt toch dat hij gek is." Door al dat niet ingrijpen en ongeloof, wat ik verraad noem, moest ik wel vergeten.

Ik herinner me dat ik in een ziekenhuis ben en voel dat ik eindelijk veilig kan slapen. In de hoop dat iemand zou zien wat men met mij doet en hoeveel pijn ik heb. Soms lag ik daar omdat ik nog maar weinig woog en soms met wonden. Dan stonden de plegers, mijn lieve misbruikende, sadistische vader, de nog ergere buurman en mijn oh zo verwijtende moeder die dacht dat het kind toch gek was aan mijn bed. Dan hoorde ik de arts zeggen "hoe komt dat kind aan zijn verwondingen." Dan zei die buurman "dokter ik moet even met u praten, ziet u dat kind is schizofreen, we maken ons daar zorgen over." Zo ook een keer dat de buurman een arts geld aanbod en even met hem wou praten, toen de arts zei dat men het moest onderzoeken.  

Dan moeten hem opereren

Op een dag was ik met moeder in een ziekenhuis. Ik was op een afdeling waar ik een patiënt zag in een bed, met een metalen frame om zijn hoofd. Moeder liep met de arts mee en ik bleef achter op die afdeling. Na afloop kwamen ze terug en de arts zei: "als zijn gedrag niet veranderd moeten we hem opereren." Ik hoorde dat en zag de man in zijn bed. Boos pakte mijn moeder me beet en ik zag de arts naar me kijken.  Moeder pakte me bij mijn hoofd en zei zoiets van "als je niet luistert, dan kom je hier weer.." Ik vroeg nog "gaan ze me dan opereren?'" Moeder antwoordde "ja, daar." "Dan zie je zusje en broertje nooit weer."

De arts liep benende weg in zijn lange witte jas. Terug lopende naar huis, dacht ik aan die man en ik wist wat dat betekende ergens. Ik heb toen maar zoiets gedacht, als ze aan mijn hoofd komen, ben ik dood. Ik was stilletjes, verdrietig en daarna heb ik niets meer durven zeggen, want dan zouden ze aan mijn hoofd komen. Die weg naar huis duurde lang en in gedachten zag ik hoe hopeloos alles was. Ooit zou ik voorgoed weglopen, dacht ik. Ik herinner me hoe ik zag hoe die man in zijn bed werd weggereden. Ik dacht die snijden ze stuk.

De duiveluitdrijving van oma.

Na een tijdje wellicht omdat na contacten met het ziekenhuis duidelijk was, dacht men, dat ik stemmen hoorde of schizofreen was en dat oma, een christelijke vrouw, die wellicht de overtuiging had dat stemmen horen van de duivel was, met de overtuiging van moeder dat ik alles deed om haar ongelukkig te maken, had oma een idee. Op een dag lag ik vastgebonden in een bedje. Oma had een sluier om en een bijbel in de hand. Een sluier om niet het gezicht te zien van de duivel kennelijk. Ze las teksten hardop voor uit de bijbel en sprenkelde af en toe water naar mij. Opeens zag ik dat ze een mes in haar andere hand had. God aanroepende "Oh Satan, ga weg van dat kind, anders zal ik het moeten doodsteken." Ze hief het mes omhoog, met haar handen en gezicht bezwerende naar boven. Ze maakte een beweging met het mes naar mij en ik begon hard te schreeuwen en te huilen. Moeder hoorde het en kwam in de keuken.

Ze greep haar hand. Ik was zo bang dat ik moest huilen. Ze gingen toen samen weg, oma zei nog " Kijk het kind is genezen, het huilt.."

Epiloog:

Velen zullen wellicht denken, ach, dit kan niet waar zijn. Toch ook in onze huidige tijd en ik ken mensen met psychotische klachten aangesloten bij gelovige gemeenschappen, waarin ze verteld worden hun medicatie te moeten laten staan en te vertrouwen in de Heer. Maar niemand zal ook zo redeneren over medicatie voor diabetes. Ook sommigen die de handen opgelegd krijgen en te horen krijgen dat hun stemmen van de duivel zijn. Het is maar dat u het weet. Zelf ben ik niet gelovig, maar het kwaad zit eerder in de mensen, dan dat het iets met geloof heeft uit te staan. Het grootste kwaad is echter die van onwetendheid, vooral als een dogma is en zeker als onwetendheid bij de GGZ voorkomt.

"Wat vind je ervan wat je moeder over je zegt:"

Toen ik een intakegesprek had gehad voor een therapeutische gemeenschap, kwamen een paar hulpverleners ons thuis opzoeken. Moeder vertelde hoe het in het gezin toeging. Ze begon al gauw te vertellen hoe moeilijk ze het had. Dat ze vaak zenuwinstortingen had en dat ik haar niet begreep. Vader ook niet. Men had men toen als borderline gezien, iemand die het ouders lastig kan maken. Moeder werd verdrietig. Ze bedoelde het zo goed met me. De hulpverleners kregen empathie voor haar en een vroeg me haast meer confronterend. "hoe vind jij dat wat je moeder zegt" Ik zag haar en had onderdrukte herinneringen hoe ze een incestueuze man-vrouw relatie wou, waarin ik als puber de zorg voor moest hebben en verantwoordelijk gedrag voor haar problemen. Ik was in haar ogen nog altijd ergens de onverschillige jongen die moeilijk was. Vroeger gek en nu recalcitrant en moeilijk opvoedbaar. De hulpverleners confronteerden haar überhaupt niet met het misbruik van vader en haar meisjesachtige verlangen een soort intieme relatie met mij te hebben. Ik woonde toen nog thuis en vader was de stille man die wegliep als ik over vroeger wou praten. Mijn boosheid richting vader zag ooit een hulpverlener als gevolg van een oedipale stoornis.

Toen de hulpverleners weg waren, opperde moeder "nou ben je nou tevreden met wat je bereikt hebt, wat wilden die toch van mij. Moeder geeft zoveel om je". Ze was geen klap veranderd, een jongeman die ooit zoveel ellende had meegemaakt. Nog steeds en toen zag men mij als de spil van alles. Moeder met een trotse gekrenkte ego, die slechts hysterisch kan reageren. Haar liefde voor haar man was alles, dat vader een grote pedofiel was en iedereen had gepakt, dat was nou eenmaal gebeurd. Het gezin moest verder. Moeder ging naar de keuken. Ik schaamde me zo en later kreeg ik zoveel angst, dat het antwoord van toen was.: "Je mag naar de gesloten afdeling tijdelijk". Maar niemand nam de moeite echt te vragen wat er gebeurd was. Maar op die gesloten afdeling werkte een verpleegkundige die me slim noemde en dat ik de problemen die ik uitte slim uit de weg ging. Maar ja hij mocht graag lachen als bewoners psychotisch op elkaar reageerden. Hij zat er bij en keek er na alsof hij dacht "wat zijn ze toch lekker gestoord, zo zag me ergens ook, wat deed ik hier eigenlijk" De hulpverleners zagen de conflicten slechts voorkomende uit dat er in het gezin een kind of jongen was die de spil en de oorzaak was. Gewoon een sociaal probleem die men psychiatrisch dacht op te lossen door mijn gestoord gedrag te behandelen.

"Die beugels gooi ik in de vuilnis"

Op een gegeven moment had ik moeite met lopen, ik liep vaak voorover gebogen en had pijn bij het lopen. Het was voor mij alsof de ellende me door mijn benen liet zakken. Op een ochtend werd ik wakker na een nachtmerrie, had weer in bed geplast en liep naar de woonkamer. "Mammie ik heb zo'n pijn",  en voorover gebogen liep ik de woonkamer in. Toen zakte ik door mijn benen en viel huilend op de grond. Het deed zeer in mijn rug en heupen. Toen kwam de arts langs op een middag. Hij stelde vast dat ik X-benen had en wellicht kalkgebrek. (zou het ondervoeding geweest zijn?) Op een middag of ochtend

toen mijn vader me zag lopen, werd hij ineens boos.  "Jij stelt je aan, ik gooi die beugels in de vuilnis, jij zal gewoon lopen voortaan.." Hij pakte mijn beugels af en gaf me een schop. "Lopen jij..." Hij keek me aan met die beugels in handen. Op een andere dag was ik in de slaapkamer met de beugels om op bed. Hij kwam en maakte een gebaar om me aan mijn voeten naar zich toe te trekken en te slaan. Ik keek hem wellicht met een blik alsof ik hem wilde vermoorden. Voor het eerst schrok hij en liet me met rust.

"Gebeurde dat in je hoofd of was je in de war:"

Bij een psychiater in een stad had ik een poging gedaan buiten mijn regio een oplossing te vinden en begrip te krijgen. Ik vertelde open een ervaring met hem. Hij hoorde me aan en zei verbaasd, terwijl hij opstond "Gebeurde dat in je hoofd of was je in de war?" Kennelijk geschrokken of verbaasd liep hij naar de gang en ik hoorde hem overleggen. Ik hoorde stemmen en ongeloof. Ineens bekroop me een angstig gevoel. Plotseling onbewust een herinnering van die psychiater toen die tegen moeder zei in haar spreekkamer

 "Uw zoon is ernstig ziek, we willen hem hier houden, hij is schizofreen, uw zoon leeft niet in de werkelijkheid, hoe denkt u over zijn verhalen?" Ik hoorde moeder zeggen "Ik maak me zo zorgen om hem" Op de gang pakte ze mijn hand en sleepte me mee. "Je vader houdt van je en je maakt iedereen kapot. Wil je soms dat vader naar de gevangenis gaat en jij naar een gesticht. Je houdt op met die onzin, anders hangt moeder zich op en heb je geen thuis meer en ben je alleen met vader en je weet je wat hij dan zal doen met je..

Kapot maken wat je lief is.

Lange tijd gaf ik er weinig aandacht aan. Als kind begreep ik het niet. Zo herinner ik me dat ik als kind ook huisdieren had. Ik was er erg wijs mee. Maar zomaar ging het dood en deed vader lacherig als ik vroeg waarom. Zo kreeg ik ooit een kanarie en de volgende ochtend lag het diertje dood in de kooi. Zo ook had ik als kleuter een goudvis kom en die was ook ineens weg of de kom stond leeg op tafel.

Moeder zo herinner ik me zei "is door wc gespoeld" Ik voelde intuïtief als kind de reden, hij had een hekel aan wat ik lief vond. In feite had hij niet alleen een hekel aan mij, maar ook aan alles wat ik lief had. Daders misbruiken of mishandelen niet alleen het kind in gezinsverband, maar ook wordt voedsel geweigerd als straf, speelgoed afgenomen en zelf huisdieren dood gemaakt.

Het kistje is leeg.

 

Ik ben op de begrafenis.
Mijn gedachten tollen, angst en beklemming
Terwijl de zon schijnt.
In mijn hoofdje is het donker en bedrukt
Waar ligt het, waar is mamma.
De buurjongen lacht
Je weet wel waarom het kistje leeg is.
Het kistje is leeg
Het tolt in mijn hoofd
Ik hoor zand vallen.
Nooit zal ik weer gelukkig worden.
In gedachten ben ik weer thuis
Maar ik zal nooit meer spelen.

"Dansen zul je.."

Het is winter 1963 en ik kom thuis op een middag met mijn laarzen vol sneeuw. Ik ben in de woonkamer de kolenkachel brandt, ik zie de kooltjes rood gloeien.
Ik ga op de grond zitten en wil de laatste uittrekken, maar het lukt niet. Moeder pakt een laars beet en dan schiet de laars los en ze valt achterover op de grond. Met de benen omhoog, het is komisch en ik schaterlach. Dan ineens staat ze op, haar gezicht strak, streng en vertrokken. Ze tilt me op en zet me mijn natte sokjes aan op de kachel. Ze heeft me beet bij mijn armen. Ik dans en spring, de stoom sist om me heen.
In de rookwolken met de stank van verbrande sokken.
Het wordt schemerig en in de stoom ontwar ik haar strak gezicht. Een spookbeeld, met de stem van haar moeder zegt ze: "dansen zul je, dansen, dansen."

"In de fik er mee."

Ik slaap bij tante, de benedenbuurvrouw en wordt wakker. Ik ben verdrietig, gespannen en wil het misbruik niet langer. Het is al laat en loop naar de keuken. Daar is tante en vertel haar hortend en stotend wat vader me doet. "Hij zit aan mij en wil het niet." Het is donker en alleen het maanlicht schijnt in de keuken waar ik ben. Ik ben in mijn hemdje en ondergoed. "Ik wil niet dat pappa aan me zit." Dan komt er een man in de gang en hoort wat ik zeg. Hij wordt boos en zegt "Ik vermoord je..." Hij pakt de petroleumkan en gooit de petroleum over me heen. Ik stink naar petroleum en het voelt koud. Ik ga dood, ga dood, verbrand.... .
Ik ga dood, ga dood, verbrand.... . Ik stik haast van angst en de stank. Dan strijkt hij een lucifer af in het donker en bezweert dat hij me altijd zal vinden en me zal vermoorden.

Het is haast demonisch, zijn kop in het licht van de lucifer, dat zijn stem nog meer bezwerends gaf. "Jij brengt me naar de gevangenis."  De walm van petroleum het vuur van de lucifer. Straks verbrand ik levend. Ik sta stijf van angst. Wil schreeuwen. Dan gooit tante een pan met water over me heen. Het is koud en ik kom bij van de schrik. Wat er daarna gebeurd is, weet ik niet meer.
Als ik op tv soldaten met benzine overgoten zie worden, dan weet ik hoe het voelt. Je beseft dat je dood gaat en een heel pijnlijke. Je wil alles doen om het niet te laten gebeuren. Ik weet precies hoe het voelt. Je wil het uitschreeuwen en je kan het niet geloven. Die man wellicht de buurman die me samen met vader en buurvrouw misbruikte was een sadist. Een kind in de fik willen steken. Ik heb er geen woorden voor.

De kachelpook

Ik lig op een middag in de box met mijn beentjes te spelen. Vader loopt naar me toe, vanuit de slaapkamer. Hij zwijgt en pakt een kachelpook. Machteloos word ik aan mijn linkervoet door de spijlen over de vloer naar hem toegetrokken. Zijn gezicht wild en boos. Hij zegt niets en ik begrijp het niet, wil het niet. Dan doet hij mijn broekje uit. Steekt de pook door de spijlen en gaat in mijn bibsje wroeten. Het doet pijn en ik huil niet, maar kijk wezenloos naar zijn strakke gezicht. Dan tilt hij me aan mijn benen omhoog en gooit me weer in de box.

Epiloog

Het meeste heb ik hier wel opgeschreven, het is niet hele verhaal, sommige details of enkele gebeurtenissen beschrijf ik niet, want dat geloofd toch niet, te afschuwelijk en wellicht dat de details wat kunnen afwijken. Dat ik nog meer heb meegemaakt is voor mij wel duidelijk. Bij het meeste voel ik niets zo veel meer en ik zou het ergens wel willen, het is jammer dat je je zo tegen gevoelens moet beschermen. Ik denk dat het voornaamste probleem van degenen is die met pijn die ze niet vaak niet meer durven of kunnen voelen, dat men vaak ook door het gebeurde weinig vertrouwen in anderen en voornamelijk in zich zelf hebben.

Maar er zijn ook hulpverleners die het kunnen weten, maar toch ook vaak niet het emotionele contact aan gaan. Sommigen hebben de pretentie het te weten, maar je merkt dan al gauw dat je verhaal niet overkomt. Zo zijn er dus hulpverleners waar je herstel denkend weinig aan hebt. Wat ik veel gemerkt heb is dat hulpverleners het onderwerp vaak uit de weg gaan. Men is bang dat je gek wordt of decompenseerd. Dat heeft veel met onwetendheid te maken. Ik eindig dan ook met het feit, dat ik steeds kan kiezen om een eind aan dit leven maken. Het is voor mij een soort deur voor als het echt niet meer wil. Ik ben niet bang voor de dood en soms af en toe verlang ik er naar gewoon rustig mijn laatste adem uit te blazen. Mijn pijn is onbeschrijfelijk. Ik ben nooit echt mezelf geweest en zal ook nooit meer echt helen.