Home » Comorbide » Suicide

Tegenslagen in de kindertijd als risicofactoren voor het ontstaan en de persistentie van suïcidaal gedrag.

Zelfmoord is wereldwijd de voornaamste doodsoorzaak, maar het precieze effect van tegenslagen in de kindertijd als risicofactoren voor het begin en volharding van zelfmoordgedrag (zelfmoordideeën, plannen en pogingen) zijn niet goed begrepen.

RESULTATEN:

Tegenslagen in de kindertijd waren geassocieerd met een verhoogd risico op zelfmoordpoging en ideatie in zowel bivariate als multivariate modellen (odds ratio range 1.2-5.7). Het risico is toegenomen met het aantal ervaringen, maar in een dalende mate.

Seksueel en lichamelijk misbruik waren doorgaans de sterkste risicofactoren voor zowel de aanvang en de volharding van zelfmoordgedrag, vooral tijdens de adolescentie. Verbanden bleven vergelijkbaar na aanvullende aanpassing voor de levenslange geestelijke stoornisstatus van de respondenten.

Conclusies:

Tegenslagen in de kindertijd (vooral opdringerige of agressieve tegenslagen) zijn krachtige voorspellers van het begin en de voortdurende zelfmoordgedrag.

bron: PubMed

Meta-analyse: Kinder-trauma & suicidepoging

Childhoodtrauma en zelfmoordpoging: een meta-analyse van longitudinale studies van het afgelopen decennium.
Zatti C1, Rosa V2, Barros A2, Valdivia L2, Calegaro VC3, Freitas LH2, Ceresér KMM2, Rocha NSD2, Bastos AG4, Schuch FB2.
Auteurs informatie


Abstract: Childhoodtrauma (CT) is een modificeerbare risicofactor voor zelfmoordpogingen van de levensduur (SA). De mate waarin elk type CT het SA risico verhoogt is onduidelijk. Deze studie streeft naar een meta-analyse van longitudinale studies die in de afgelopen 10 jaar zijn gepubliceerd over de relatie tussen CT en levenslange SA risico's. De PUBMED-, PsycINFO-, ISI- en EMBASE-databases werden gezocht naar cohortstudies die AS bij de 

follow-up rapporteerden en een beoordeling van CT bevatten. Een meta-analyse werd uitgevoerd om potentiële effecten van elk type CT op SA te identificeren. Zeven unieke studies werden ter beoordeling opgenomen.Seksueel (n = 6, OR = 3,73, 95% CI 2,94-4,75, p <0,001), fysiek (n = 6, OR = 4,11, 95% CI 2,30-7,33, p <0,001) en emotioneel misbruik 3, OR = 3,98, 95% CI 2,89-5,64, p <0,001), evenals fysieke verwaarlozing (n = 2, OR = 3,42, 95% CI 2,09-5,59, p <0,001), werden geassocieerd met SA. Emotionele verwaarlozing en een gebroken thuis waren niet significant geassocieerd met verdere SA. De modi van CT die de meeste bijdragen aan SA in het latere leven zijn lichamelijk, emotioneel en seksueel misbruik en fysieke verwaarlozing, in dalende volgorde.

bron: PubMed

Reported Childhood Trauma and Suicide Attempts in Schizophrenic Patients

Abstract:
Kindertrauma's zijn geassocieerd met zelfmoordgedrag, maar dit aspect is niet onderzocht in verband met schizofrenie. In deze studie werden 50 chronische schizofrene patiënten die zelfmoord hadden geprobeerd, vergeleken met 50 chronische schizofrene patiënten die zich nooit voor zelfmoord hadden geprobeerd op de 34-punten Childhood Trauma Questionnaire (CTQ). Gevonden werd dat schizofrenen die zelfmoord geprobeerd hadden, aanzienlijk  

hogere CTQ-scores hebben voor emotioneel misbruik, lichamelijk misbruik, seksueel misbruik, emotionele verwaarlozing en lichamelijke verwaarlozing dan patiënten met schizofrenie die nooit een poging tot suïcide hebben gedaan. Daarom kan kindermishandeling een risicofactor zijn die schizofrene patiënten sneller doet overgaan tot suïcide.

Bron: Whiley

(Persisterende) Suïciderisico doelgroep (Complexe) PTSS

Mensen met (Complexe) PTSS hebben een verhoogd risico op suïcide. Factoren als een aanverwante depressie, eenzaamheid, isolement, negatieve reacties of onbegrip over de woede gevoelens en uitingen richting anderen maakt mensen met PTSS soms impulsief neigen tot suïcide. Veelal ook mensen met PTSS die vaak ook niet gehoord worden door de hulpverlening en al van alles geprobeerd hebben. Woede kan naar binnen slaan en het idee geven dat er niet te leven valt met deze herinneringen. Volgens het CBS hebben in 2015 1.871 mensen een eind aan hun leven gemaakt. Het schijnt elk jaar helaas toe te nemen. Mannen hebben hierin een groter aandeel dan vrouwen. Toch is suïcide voor hulpverleners vaak nog taboe. Velen denken dat praten over suïcide iemand op ideeën brengt en dat je dat beter kan laten. Zeker denkt men dat als iemand al lijdt aan een depressie. Nu blijkt uit onderzoek dat de doelgroep met vaak chronische kindermishandeling twee keer zo vaak een

suïcidepoging doen dan de groep patiënten met slechts een depressie. Maar zoals we vroeger onterecht dachten dat praten over een psychose een psychose kon doen uitlokken zo moeten we ook gaan denken over praten over suïcide. Het moeilijkst te behandelen en te herkennen vooral zijn impulsieve zelfdodingen. Toch is bekend welke cliënten een risicofactor vormen en dat zijn zeker ook mensen met (Complexe) PTSS.